Is studeren ook al een last? - pagina 80
Een persoonlijke visie op enkele aspecten van de ontwikkeling tussen 1968 en 1996 van de Faculteit Geneeskunde van de VU, met een nadruk op onderwijs
ten daar verantwoord geplaatst kunnen worden. Daarna kunnen we de
affiliatiebehoefte berekenen en gaan, in overleg met de klinische vak-
groepen, over tot enige sanering van de plaatsen in de affiliatie. Zo
bereiken wij een aantal plaatsen dat voldoende is. De leegstand ver-
dwijnt, maar enkele jaren later ontstaat een tekort aan plaatsen. Dit
wordt veroorzaakt doordat door een systematische verkorting van de
klachtenblokken in het vijfde jaar en doordat door de maatregelen
rondom de studiefinanciering studenten sneller aan de co-schappen
toekomen. Het aantrekken van nieuwe plaatsen, voorlopig tijdelijk,
maar als het aantal eerstejaars weer gaat stijgen ook permanent, is
weer aan de orde.
Gedurende vele jaren is zo het aantal noodzakelijke plaatsen en de
plaatsing van studenten een belangrijk aandachtspunt. Omdat de co-
planning plaatsvindt op de onderwijsadministratie, waar onderwijs-
coƶrdinatie zich niet mee mag bemoeien, is het moeilijk greep te krij-
gen op deze planning. Zeer veel geld wordt uitgegeven door de admi-
nistratie voor systemen die de planning moeten automatiseren en tege-
lijk optimaliseren. Maar de opzet van de plannen is meestal ondeugde-
lijk en dus ook de uitkomst.
Het artsexamen is ook een voortdurende bron van zorg.
Onderwijskundig is er van alles mis mee. Maar het examen is dermate
traditioneel bepaald dat een zinnig gesprek zelden mogelijk is.
Oplossingen zijn bovendien niet eenvoudig aan te dragen. Zo beperken
wij ons voornamelijk tot het vragen van aandacht voor het probleem
en het ingrijpen bij individuele gevallen die de spuigaten uitlopen.
De affiliatie, de kwaliteitsbewaking, de capaciteitscontrole, de plan-
ning, het zijn dermate ingewikkelde en door traditie omgeven terreinen
dat vooruitgang in de onderwijskundige structuur van de co-assistent-
schappen nauwelijks aandacht kan krijgen. Afgezien van een enkele
ingreep in de duur van de individuele co-schappen, een verbeterde
volgorde en kleine winsten in de werktijden en de vermindering van
kluswerk is er weinig te melden. Eerst omstreeks mijn vertrek in 1996
wordt begonnen met onderzoek naar het artsexamen en worden de
mogelijkheid tot bijstelling van de co-fase in het bestuur besproken.
78
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 2001
Publicaties VU-geschiedenis | 98 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 2001
Publicaties VU-geschiedenis | 98 Pagina's