Omstreden normalisering - pagina 204
Hoe de Vrije Univseriteit veranderde in de lange jaren zeventig
hout (afkomstig uit het hoger beroepsonderwijs en daarna verbonden
aan de katholieke universiteit van Nijmegen), Sjeng Kremers (Nijme-
gen), Andries Querido (Leiden, Rotterdam), Ruud de Moor (Til-
burg). En universitaire ambtenaren als Roel in 't Veld, Jan Veldhuis,
Hans Bronneman en Ed Broekhuizen uit Leiden, Jaap Dronkers en
Daan Schut van de VU en rijksambtenaren als Peter van de Schans
(ambtenaar bij ministerie van Landbouw, F.J. Schijff en Godfried
Leibbrandt (ministerie van Onderwijs en etenschappen). Een in-
vloedrijk gezelschap, dat los van de Academische Raad functioneert.
De nieuwe elite van bestuurders en topambtenaren ontmoet elkaar
met grote regelmaat in POO, AGP en de vele taakgroepen die hieraan
worden gehangen. Vele van deze mannen hebben tot diep in de jaren
negentig een invloedrijke rol gespeeld in het hoger-onderwijs. Brink-
man plaatst het planningsdenken in de toenmalige tijdgeest - met het
kabinet-Den Uyl als zinnebeeld hiervan. Er was veel geloof in de
maakbaarheid van de samenleving, ook bij zijn collega's. Brinkman
spreekt van 'een aandoenlijk zelfvertrouwen'.^^
Voor de VU is een apart sturingsregime voor het wetenschappelijk on-
derzoek niet zonder risico's. Van een serieuze wetenschappelijke on-
derzoekstraditie is, uitgezonderd aan de bètafaculteit, amper sprake.
Brinkman voorziet een harde interuniversitaire competitie voor het
binnenhalen van schaarse onderzoeksgelden. Daarvoor is het noodza-
kelijk dat de VU de beschikking krijgt over goede onderzoeksgroepen
aan alle faculteiten. De bestaande onderzoekscapaciteit en kwaliteit
moet daarom binnen alle faculteiten met spoed worden vergroot.^^ De
VU moet voluit gaan voor wetenschappelijke kwaliteit. Normalisering
is ook de inzet van het college van bestuur, juist om de VU als bijzon-
dere universiteit bestaansrecht te laten houden. Het college realiseert
zich dat het wetenschappelijk onderzoek tot dan toe nooit een zorg
was van universitaire bestuurders. De primaire verantwoordelijkheid
ligt bij leerstoelhouders en is, met uitzondering van de bètafaculteit,
geheel verweven met de onderwijstaken. Onderzoek is het domein van
de faculty. De WUB biedt het college van bestuur als werkgever een
exclusieve bestuursbevoegdheid om via het leerstoelenbeleid sturing
te geven aan het facultaire onderzoeksbeleid. Onderzoeksbeleid is
eerst en vooral personeelsbeleid. Terugkijkend op deze periode vindt
Brinkman dat deze strategie voor de VU, met haar zwakke onderzoek-
straditie en haar geremdheid om onbevangen de empirie tegemoet te
treden, niet zonder risico's was. Temeer niet omdat het een van de eer-
202
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 2013
Publicaties VU-geschiedenis | 388 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 2013
Publicaties VU-geschiedenis | 388 Pagina's