Een handvol filosofen - pagina 140
Geschiedenis van de filosofiebeoefening aan de Vrije Universiteit in Amsterdam van 1880 tot 2012
136 III Filosofische twisten in oorlogstijd (1^40-1^4^)
Vollenhoven heeft het vanaf 1943 zwaarder te verduren gehad dan Dooyeweerd.
Weliswaar was Dooyeweerd actief betrokken bij de plannen van het CNV over een
nieuwe sociaal-economische orde en bij conflicten in de Gereformeerde Kerken,
maar Vollenhoven moest de spanningen die hij te verwerken kreeg in 1944 met zijn
gezondheid bekopen. De conflicten tussen de generale synode en Schilder grepen
hem aan, maar de gevangenschap van zijn zoon Dirk, eerst in Vught en later in Da-
chau, was voor hem, zijn vrouw en hun gezin bijna te zwaar om te dragen.
Zowel Vollenhoven als Dooyeweerd beschouwde maatschappelijke en kerkelij-
ke betrokkenheid niet als een kwestie van vrijetijdsbesteding. Deze betrokkenheid
kwam voort uit hun besef dat zij als wetenschappers ook een maatschappelijke en
kerkelijke verantwoordelijkheid hadden. De zin van hun werk zagen zij niet alleen
binnen, maar ook buiten de universiteit. Zij waren zich ervan bewust dat de Vrije
Universiteit was voortgekomen uit het gereformeerde volksdeel en dat zij als hoog-
leraren van deze universiteit ook ten dienste van deze achterban een verantwoorde-
lijkheid hadden. Deze verantwoordelijkheid kwam niet alleen tijdens de oorlog tot
uitdrukking. Dooyeweerd had in Den Haag een politiek verantwoordelijke func-
tie gehad bij de Dr. Abraham Kuyperstichting en in Amsterdam was hij sinds 1928
voorzitter van de Protestants Christelijke Reclasseringsvereniging en sinds 1938
voorzitter van het bestuur van het Julianaziekenhuis. Vollenhoven had zich maat-
schappelijk minder geprofileerd. Hij had in de jaren twintig en dertig zijn kracht
gezocht in het stimuleren van afgestudeerden om voort te gaan met de studie van
de calvinistische wetenschap. In de oorlog was hij voorzitter geworden van de Al-
gemeene Nederlandsche Vereeniging voor Wijsbegeerte. Tijdens de oorlog had hij
zich intensief bezig gehouden met de conflicten in de Gereformeerde Kerken. Te
midden van partijschappen had hij geprobeerd om een matigende rol te spelen, maar
tot zijn verdriet had hij een kerkscheuring niet kunnen voorkomen.
Na de oorlog zouden Vollenhoven en Dooyeweerd, ieder op eigen wijze, hun
werk aan de Vrije Universiteit nog twee decennia voortzetten. Zij zouden hun werk
consolideren, met steun van sympathisanten, maar ook met openlijke of heimelijke
kritiek van anderen.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 2013
Publicaties VU-geschiedenis | 548 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 2013
Publicaties VU-geschiedenis | 548 Pagina's