Omstreden normalisering - pagina 143
Hoe de Vrije Univseriteit veranderde in de lange jaren zeventig
speelvelden zou kunnen worden samengewerkt. Het is vooral een
kwestie van opportuniteit, van politieke oordeelsvorming. Stafgroe-
pen en ook hoogleraren worden per speelveld, zelfs per speerpunt als
het uitkomt, opgeroepen mee te doen, solidair te zijn (voorbeelden:
brede comités, handtekeningenlijsten, gezamenlijk optreden in raden
en commissies). Even gemakkelijk worden ze als tegenstanders neer-
gezet, als ze het niet eens zijn met bepaalde eisen. Ook zijn er nauwe-
lijks principes en richtlijnen die behulpzaam zijn bij het aangaan van
samenwerking met bewegingen en organisaties buiten de universiteit.
De SRVU heeft, net als de andere grondraden, weinig uitgewerkte op-
vattingen hoe om te gaan met de vakbeweging en al helemaal niet met
de PvdA.
(Interne) organisatieprincipes
Drie organisatieprincipes geven richting aan de besturing, inrichting
en werkwijze van de kernorganisaties van de studentenbeweging.
Allereerst het principe 'eenheid van optreden', een wat omfloerste ui-
ting van het leninistische concept van het democratisch centralisme.
De noodzaak van eenheid van optreden wordt continu benadrukt.
Onderstaand citaat laat dit mooi zien.
Alle bij de grondraden en in het LOG verenigde groepen werken
eensgezind aan dezelfde acties. Deze eenheid komt tot stand op
basis van discussies in alle groepen en onder alle studenten over
de te voeren acties. Deze gedecentraliseerde discussie vindt niet
plaats vanuit een abstract democratisch principe, maar omdat
eenheid pas te bereiken valt als zo veel mogelijk studenten in de
discussies betrokken zijn en omdat de studenten de actie pas
kunnen voeren als ze middels deze discussies precies weten waar
het om gaat. Als deze discussies eenmaal zijn gevoerd, moeten
er centraal (ledenvergadering, beleidsraad, LOG) besluiten
worden genomen waar iedereen zich aan houdt.^
In de faculteitsgroepen is overigens regelmatig kritiek op het onderlig-
gende concept van het democratisch centralisme. Afzonderlijke groe-
pen nemen ruimte voor hun eigen activiteiten, met name op de we-
tenschapspolitieke en onderwijspolitieke speelvelden, ook als ze niet
sporen met landelijke afspraken en acties.^' Faculteitsgroepen claimen
zelfstandigheid ten opzichte van de centrale SRVU-organisatie. Voor-
stellen om faculteitsgroepen tot afdelingen te maken van de SRVU,
141
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 2013
Publicaties VU-geschiedenis | 388 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 2013
Publicaties VU-geschiedenis | 388 Pagina's