Ridders van het recht. De juridische faculteit van de Vrije Universiteit 1880-2010 - pagina 397
De juridische faculteit van de Vrije Universiteit 1880-2010
J. DE B R U I J N
Historisch besef en filosofische
verwondering. Rechtsgeschiedenis en
rechtstheorie na 1980
Aan de afdeling rechtstheorie en rechtsgeschiedenis zal in dit boek slechts een 393
korte bijdrage worden gewijd. Een van de redenen daarvoor is dat Arend w
Soeteman in zijn inleiding op de periode na 1980 al uitvoerig is ingegaan op de 2
ontwikkeling die het vak rechtstheorie of rechtsfilosofie - en in het verlengde
daarvan de algemeen wijsgerige vorming - heeft doorgemaakt. Een belangrijke w
^
verschuiving is daarmee al voldoende in kaart gebracht. Bovendien hoeft deze *
bijdrage niet uitputtend te zijn om toch het belang van de afdeling te k u n n e n «
aantonen. Doel van de afdeling is kort gezegd de studenten historisch besef, filo- m
sofische verwondering en juridische vaardigheden bij te brengen. Dat is een M
niet geringe opgave, waaraan niet alleen in het verleden aan de v u veel waarde K
werd gehecht. Ook nu nog is zij een van de onderscheidende kenmerken van het *
onderwijs aan onze faculteit. tó
Aan het begin van de jaren tachtig vormden rechtsgeschiedenis (met inbe- o
grip van Romeins recht) en rechtsfilosofie aan de v u afzonderlijke eilanden,
maar door de periodieke schokgolven uit Den Haag zijn beiden sindsdien met
elkaar vergroeid geraakt, zodat zij nu alweer jarenlang 'saevis tranquillus in
undis' (rustig te midden van de woelige baren) een hechte eenheid vormen. Die
rust en eenheid (niet te verwarren met gezapigheid) zijn ook bevorderd door de
hoogleraren die in deze jaren gezichtsbepalend waren voor de afdeling.
Rechtsgeschiedenis en Romeins recht
De eerste hoogleraar die hier g e n o e m d moet worden is H. van der Linden, die
van 1971 tot 1987 Nederlandse rechtsgeschiedenis doceerde. Tijdens de ambte-
lijke loopbaan die aan zijn professoraat voorafging - laatstelijk als secretaris-
rentmeester van het hoogheemraadschap van Rijnland - verscheen zijn opmer-
kelijke proefschrift De Cope. Bijdrage tot de rechtsgeschiedenis van de openlegging
der Hollands-Utrechtse laagvlakte, waarop hij in 1955 cum laude in Utrecht pro-
moveerde. Dit werk, in 1981 herdrukt, maakte ook opgang buiten de rechtshis-
torische wereld, vooral onder historisch-geografen. Als hoogleraar bouwde Van
der Linden in zijn publicaties voort op deze thematiek, die hij niet privaatrech-
H. van der Linden, hoogleraar Nederlandse rechtsgeschiedenis, 1971-1987.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 2015
Publicaties VU-geschiedenis | 456 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 2015
Publicaties VU-geschiedenis | 456 Pagina's