Ridders van het recht. De juridische faculteit van de Vrije Universiteit 1880-2010 - pagina 72
De juridische faculteit van de Vrije Universiteit 1880-2010
als dat wel gebeurde kon het er stevig toegaan. Neem de discussie die volgde op
de lezing van 'de Hr H.C. Visser, Den Haag' op 6 maart 1931. Achter deze om-
schrijving gaat een medestudent schuil," een van de weinige studenten die zich
in het begin van de jaren dertig nog aan het verzorgen van een lezing waagden.
Aan het begin van de vergadering blijkt dat Visser zich heeft teruggetrokken als
tegenkandidaat voor het voorzitterschap van QBD, zodat de door het zittende
bestuur voorgestelde kandidaat, W.F. de Gaay Fortman, praeses wordt. Ook voor
zijn opvattingen, geëtaleerd in zijn lezing die tot titel heeft 'Proeve tot beoordee-
ling van het fascisme vanuit christelijk oogpunt', krijgt Visser weinig of geen
steun. Het verslag is daarover qua formulering niet glashelder, maar positief is
het oordeel niet: 'Spreker bleek 'n grondige studie van het onderwerp te hebben
68 gemaakt en wist de hoorders dan ook te boeien, vooral door de zeer sympathie-
^ o ke houding [die] de spreker tegenover het fascisme innam. Daar dit oordeel ze-
- ^ ker niet op een communis opinio onder ons berust, was het begrijpelijk dat er 'n
Pc zeer uitvoerig debat volgde.' Hieraan namen de heren Abraham, Ritsema, Berg-
huis, Kamminga, Hórchner en Colenbrander deel. Hoe de 'slotconclusie' van
w
s^ Visser luidde is in het verslag niet te vinden, maar geen van de deelnemers aan
^M de discussie kon zich daarmee verenigen.
Z 2.
g2 Naar buiten
>o De opvallendste verandering die QBD in dejaren dertig onderging was het wijd
g 'S opengooien van ramen en deuren. Dat gebeurde op allerlei manieren en met
ao verschillende gevolgen. Er werd frequent samengewerkt met studentenorgani-
X -^ saties van andere juridische faculteiten, vooral met die van de Universiteit van
IS »
H 'O Amsterdam. Hoe de contacten tussen de juridische studenten van de beide Am-
- w
£ 1- sterdamse faculteiten zijn ontstaan is niet duidelijk. Het is denkbaar dat de in
oz '^ 1928 aangetreden hoogleraar V.H. Rutgers met zijn vele nationale en internatio-
nale relaties en activiteiten wat dit betreft een grote rol heeft gespeeld.^^ Daar-
naast deed men mee aan landelijke bijeenkomsten van deze verenigingen. Dat
was mede van invloed op intensieve pogingen, gestart in 1931 onder het bewind
van praeses W.F. de Gaay Fortman, om het curriculum te herzien. Ze draaiden
vooral om de wens een deel van het doctoraalexamen te vervangen door tenta-
mens. Die vervangende tentamens zijn er na enige strijd gekomen.
Niet alleen ging men eropuit voor overleg met bevriende verenigingen, nieuw
waren ook excursies en rechtbankbezoek. Op 7 november 1929 wordt een straf-
zittingvan de Amsterdamse rechtbank bijgewoond. Prof. RA. Diepenhorst heeft
gezorgd voor gereserveerde plaatsen en een (getypte) dagvaarding. Doet zich
iets bijzonders voor bij de op die zitting behandelde geruchtmakende 'Amstelveen-
se moordzaak', dan gaat het 'met potloodstrepen geïllustreerde wetboekje' van
prof. Diepenhorst rond. Bij het verslag in het notulenboek is een knipsel uit Het
Volk gevoegd, waarin van het bijwonen van deze zitting 'bij wijze van college in
strafrecht' melding wordt gemaakt. Op 29 mei en 3 juni i93iwaren respectievelijk
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 2015
Publicaties VU-geschiedenis | 456 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 2015
Publicaties VU-geschiedenis | 456 Pagina's