Ridders van het recht. De juridische faculteit van de Vrije Universiteit 1880-2010 - pagina 152
De juridische faculteit van de Vrije Universiteit 1880-2010
ting, op 17 mei 1940, moest de opvolger van de aftredende rector, de classicus
dr. A. Sizoo, worden aangewezen. De nog maar kort geleden benoemde dr. D. Nau
ta, hoogleraar in de kerkgeschiedenis, was volgens de afgesproken volgorde aan
de beurt om die functie te gaan vervullen. Hij gaf echter te kennen dat het ge
zien de gegeven omstandigheden misschien beter zou zijn als een meer ervaren
hoogleraar zou worden benoemd. Toen de theoloog dr. F.W. Grosheide voorstelde
mr. V.H. Rutgers te kiezen, stemde iedereen daarmee in. Rutgers zelf accepteer
de het, hoewel het hem rauw op het lijf viel. Maar hij was eerder rector geweest,
had grote internationale ervaring en kon daarom wel begrip opbrengen voor het
standpunt van zijn collega's.
Deze beslissing zou van grote betekenis blijken voor de vu en voor de rech
148 tenfaculteit. Naast Rutgers werd mr. J. Oranje tot abactis benoemd in plaats van
00 de aan de beurt zijnde zendingstheoloog dr. J.H. Bavinck, die zich ook wegens
53: de oorlogsomstandigheden had teruggetrokken. Oranje was ook nog maar kort
geleden benoemd hij had op 9 februari 1940 zijn inaugurele rede uitgesproken
als hoogleraar handelsrecht maar hij aarzelde geen moment deze benoeming
n
M f3
X te aanvaarden. En zo werd het hooglerarencorps van de vu de eerste jaren van
de bezetting geleid door twee juristen.
>
G
I- ö
^ V.H. Rutgers had al jaren voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog ge
waarschuwd voor het Duitse nationaalsocialisme. In zijn rectorale rede van 1933
H Z Strafrecht en Rechtsstaat ging hij uitgebreid in op de nationaalsocialistische
ö ideeën over recht en rechtsorde. Hij verwierp hierin de totalitaire staat, al had
hij nog wel enkele goede woorden over voor de invoering van strenge straffen
S voor misdadigers in het nazistrafrecht.^ Het nazibewind zou hij de jaren dertig
•^ door principieel bestrijden. Vanaf mei 1936 trad hij op als voorzitter van het Pro
5 testants Hulpcomité voor Uitgewekenen om Ras en Geloof, dat zich inzette voor
o
^ de opvang van protestantsjoodse vluchtelingen uit Duitsland, Oostenrijk en
5 T sjechoslowakije. Rutgers spande zich tot het uiterste in om voldoende geld bij
een te krijgen voor de opvang van de ruim zeshonderd vluchtelingen, die zijn
comité te verzorgen kreeg. Binnen de eigen protestantse kring kreeg zijn comité
betrekkelijk weinig respons. Begin 1940 gaf het comité circa 10.000 gulden per
maand uit, wat echter niet lang meer kon worden volgehouden. Op 3 mei 1940
schreef Rutgers bitter aan de ministervan Binnenlandse Zaken, dat binnenkort
de werkzaamheden van het comité zouden moeten worden gestaakt^.
Kort na de Duitse aanval op Polen en het uitbreken van de Tweede Wereld
oorlog kreeg Rutgers van het Deutsche Gesellschaft für Völkerrecht und Weltpo
litik een uitnodiging om op kosten van die vereniging in Polen onderzoek te
doen naar Poolse wreedheden tegen de Duitse minderheid in Polen, welke voor
Hitler het voorwendsel waren geweest voor de aanval op Polen. Rutgers had deze
uitnodiging zonder twijfel te danken aan het feit, dat hij al vele jaren lid van de
Nederlandse Vereniging voor Volkenbond en Vrede was. In die hoedanigheid had
hij in 1933 aan de Internationale Ontwapeningsconferentie van Geneve deelge
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 2015
Publicaties VU-geschiedenis | 456 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 2015
Publicaties VU-geschiedenis | 456 Pagina's