Ridders van het recht. De juridische faculteit van de Vrije Universiteit 1880-2010 - pagina 194
De juridische faculteit van de Vrije Universiteit 1880-2010
tig ontbreken ze geheel en al, terwijl in andere slechts te lezen valt: 'Namen wor-
den nader bekend gemaakt.' Ook zal een rol gespeeld hebben dat in die tijd het
'mentoraat' ontstond, waarbij ouderejaars, aanvankelijk minder dan tien, later
meer, de eerstejaars onder hun hoede kregen. Zij moesten zorgen voor introduc-
tie 'in het universitaire milieu in het algemeen en de rechtenstudie in het bij-
zonder', en waren betrokken bij het zogenaamde 'projekt', het collectieve ver-
slag over een juridisch onderwerp, geproduceerd door (of vanuit) de door hen
begeleide groepen.^
Bestuur
Tot de invoering van de wet universitaire bestuurshervorming van 1970 vormde
190 de decaan samen met een of twee andere hoogleraren het bestuur van de facul-
z teit. In de bijdrage van De Roos in deze bundel wordt de strijd om democratise-
ring en medezeggenschap voor alle geledingen beschreven die aan deze wet
E voorafging, en vooral hoe en in hoeverre deze strijd op de juridische faculteit
plaatsvond. Het belangrijkste resultaat wordt verwoord in de allereerste zin van
ea
2 de studiegids 1973-1974: 'Het algemeen bestuur van de faculteit berust bij de
gekozen faculteitsraad, bestaande uit 18 leden, te weten 5 hoogleraren en/of lek-
toren, 5 wetenschappelijke medewerkers, 5 (ten hoogste 7) studenten en 1 lid van
de technisch-administratieve staf (tas).' Uit deze raad werd een dagelijks bestuur,
ö het 'faculteitsbestuur' gekozen. Dit systeem, dat een kwarteeuw heeft bestaan,
"^ haalde het bestuur uit de achterkamer, wat niet wil zeggen dat het er altijd door-
zichtiger en efficiënter op werd.
Telde de faculteit volgens de studiegids in i960 geen enkele secretaresse, in
z het begin van de jaren zeventig waren er vier personen tot het ondersteunend
o personeel te rekenen, onder wie een adjunct-secretaris, J.W. van Witteloostuyn
(tot 1990), en een studiebegeleidster, een functie die van 1972 tot 2006 door me-
vrouw J.Z. Schutte werd vervuld. Van een sterk groeiende bureaucratie was ove-
a
g rigens, althans in de tijd die deze inleiding bestrijkt, geen sprake.
o
o
Onderwijs en onderzoek
IC
^ Niet alleen het mentoraat kwam er om de grote aantallen studenten beter te kun-
nen bedienen, ook het onderwijs en de toetsing werden aangepast. Beginjaren
zeventig verdwenen de mondelinge kandidaats- en doctoraalexamens.^ Het ge-
heel van de voor zo'n examen (meer en meer schriftelijk) afgelegde tentamens,
inclusief een 'met goed resultaat geschreven scriptie', kwam ervoor in de plaats.**
Voor het in ontvangst nemen van het behaalde diploma trokken de heren stu-
denten geen jacquet meer aan, iets wat zich overigens ook al aan het voltrekken
was in de laatste jaren waarin nog op de klassieke wijze werd geëxamineerd.
Naast de hoorcolleges waren er ook al in de jaren zestig werk- en casuscolle-
ges. Meer en meer werd van die onderwijsvorm gebruikgemaakt, maar ook hier
was, althans tot 1970, sprake van een geleidelijke uitbreiding. Dit versterkte een
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 2015
Publicaties VU-geschiedenis | 456 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 2015
Publicaties VU-geschiedenis | 456 Pagina's