Ridders van het recht. De juridische faculteit van de Vrije Universiteit 1880-2010 - pagina 264
De juridische faculteit van de Vrije Universiteit 1880-2010
Hoewel hij in zijn tijd aan de vu (1953-1987) ook een buitenbeentje was, was
Bianchi toen wel veel beter op zijn plaats aan de universiteit dan hij nu zou zijn.
Hij heeft zelfbij vele gelegenheden gezegd dat de jaren zestig voor hem voelden
als de mentale bevrijding die in 1945 was uitgebleven. De door Bianchi in 1968 op-
gezette doctoraalopleiding criminologie aan de vu, waarbij studenten met een
kandidaatsexamen rechten of sociologie zich vier jaar konden specialiseren in
de criminologie, is ook exemplarisch voor de paradigmatische verandering die
in die tijd in de criminologie plaatsvond. Nadat deze wetenschap een eeuw lang
vrijwel uitsluitend etiologisch en dadergericht was geweest, kwam eindjaren
zestig het accent op de sociale reacties op criminaliteit te liggen. Bianchi was,
naast de Rotterdamse hoogleraar criminologie Peter Hoefnagels,^ een belang-
260 rijk pleitbezorger van een dergelijke criminologie van de lawmakernaast, of zelfs
K in plaats van, de klassieke criminologie van de lawbreaker. In minder dan tien
g jaar tijd was de criminologie totaal veranderd. Het gaat in de jaren zeventig voor-
z al over de wijzen waarop op criminaliteit wordt gereageerd. Aan etiologie wordt
2 nauwelijks aandacht meer besteed. Het meest radicale voorbeeld van een derge-
^ lijke, op het kritisch volgen van het strafrechtelijk systeem gerichte inleiding in
5 de criminologie is Bianchi's nog altijd uitdagende Basismodellen in de kriminologie
2 uit 1980. Op dit boek is veel aan te merken. Het is, zoals in vrijwel alle recensies
w werd verzucht, inderdaad slordig en eenzijdig. Maar het confronteerde studen-
S ten wel met de impliciete mens- en wereldbeelden achter zogenaamd 'zuiver we-
^ tenschappelijke' inzichten en stelde schijnbare vanzelfsprekendheden ter dis-
o cussie. Persoonlijk heb ik daar veel van geleerd.
o Een systematische uiteenzetting over Bianchi's werk kan in een korte bijdra-
w ge als deze niet worden geboden. Gelukkigzijn dergelijke overzichten er al.^ Wat
ik hier wil doen is kijken wat het hedendaagse belang is van Bianchi's werk. Hier-
bij ga ik in op twee centrale thema's: Bianchi's abolitionisme en zijn ideeën over
non-gouvernementele criminologie.
Abolitionisme, assensus en vrijplaats
Samen met zijn Rotterdamse collega Louk Hulsman is Herman Bianchi vooral
de geschiedenis in gegaan als een van de grondleggers van het abolitionisme: de
stroming in de criminologie waarin 'criminaliteit' als valide begrip en 'straf' als
legitiem antwoord daarop worden verworpen.^ Waar Hulsmans abolitionisme
vooral gericht is op decriminalisering, kan Bianchi worden getypeerd als een re-
presentant van een op depenalisering gericht abolitionisme: hem gaat het er
met name om de vrijheidsstraf zoveel mogelijk terug te dringen door hiervoor
non-punitieve alternatieven te ontwikkelen. Terwijl Hulsman zijn pijlen vooral
richtte op de ongewenste gevolgen van strafrechtelijk ingrijpen, heeft Bianchi
zich vooral gericht op het 'positieve moment' in het abolitionisme; op het for-
muleren van alternatieven voor strafrechtelijk ingrijpen. In die zin is Bianchi te
kenschetsen als een voorloper van de hedendaagse 'restorative justice' of her-
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 2015
Publicaties VU-geschiedenis | 456 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 2015
Publicaties VU-geschiedenis | 456 Pagina's