Ridders van het recht. De juridische faculteit van de Vrije Universiteit 1880-2010 - pagina 66
De juridische faculteit van de Vrije Universiteit 1880-2010
delt men ten huize van A.F. de Savornin Lohman jr (P.C. Hooftstraat 148), die
ook de oppositie verzorgt. Zijn vader (prof. A.F. senior, evenals zijn broer prof.
W.H. aanwezig) zegt met veel genoegen de discussie aangehoord te hebben. We
gens het vergevorderde uur beperkt hij zich tot één opmerking. Hij spaart daarbij
zijn zoon niet, maar eindigt met hem en defendens Bavinck te complimenteren.
De voorbereiding heeft A.F. junior zo opgeslokt dat hij, inmiddels abactis, geen
notulen heeft kunnen maken. De daarop staande boete wordt hem (met zes tegen
drie stemmen) kwijtgescholden. Zelf is hij niet altijd even lankmoedig. In de notu
len van de vergaderingvan 18 april 1894 schrijft hij overA. terWeele: 'De defen
dens hield een lange inleiding, die ongetwijfeld veel belangrijks bevatte. Vol vuur
om al wie tegen zijn stelling iets zou durven zeggen af te maken, had hij reeds te
62 voren alle mogelijke argumenten tegen de stelling bijeengezameld en getracht
^ö te weerleggen. Maar één fout had de referent, namelijk dat men hem niet volgen
1 5 kon, èn door de opeenstapeling van alle mogelijke en onmogelijke stelsels, èn
? c omdat hij onverstaanbaar praatte.'
w '^ Van de studentikoze vergadercultuur, die overigens tot ver in de jaren zestig is
s ^ blijven voortbestaan, zijn in de notulen vele blijken te vinden: jaarverslagen van
^w abactis en fiscus, 'recodificatie van het reglement', een motie van wantrouwen
§§ tegen de praeses, stemmingen en herstemmingen, het nemen van besluiten
g2 over het besluiten van de discussie en het doorzakken tot een uur of vier. Ver ver
>o leden en jong verleden worden bovendien in dit eerste notulenboek met elkaar
g § verbonden door n a m e n als De Gaay Fortman (B.), Diepenhorst (P.A.), Rutgers
gS (V.H.) en Verdam (J.).
PI ö
K "^ In de aanwezigheid van hoogleraren in de jaren 18961904 was het er overi
2S gens slechts één kwam de klad. In de notulen van 31 januari 1899 lezen we dat
2K prof. Fabius blijft weigeren de vergaderingen van QBD te bezoeken wegens het
oë 'gedrag van enkele heeren studenten'. Vermoedelijk betreft het 'te ongeregeld
collegebezoek en te spaarzamelijk bezoek der professorale woning'. De stelling
waarover op deze vergadering wordt gediscussieerd luidt: 'Het onderzoek naar
het vaderschap behoort onbeperkt te worden toegelaten.' In deze periode is het
gebruikelijk niet alleen de namen te vermelden van degenen die aan oppositie
en kritiek hebben deelgenomen, maar ook van hen die daarvan hebben afge
zien. Op de volgende vergadering, 14 maart, worden maar liefst drie romeins
rechtelijke stellingen aan de orde gesteld, maar een weergave van de discussie
blijft de abactis bespaard, een nieuwigheid die in dat jaar vaker voorkomt.
Voor P.A. Diepenhorst (vanaf 1904 hoogleraar aan de faculteit) is het een
spannende tijd. Op de vergadering van 27 oktober 1899 wordt hij wegens afwe
zigheid beboet met 50 cent, tot abactis gekozen en tot opponens voor de volgende
vergadering aangewezen. Van een en ander zal hem 'bericht worden gezonden'.
Op de volgende vergadering, 14 november, tevens de dies natalis, wordt in zijn
aanwezigheid een brief van hem voorgelezen, 'strekkende, om een door hem te
voren gezonden schrijven, waarin hij zijn lidmaatschap neêrlei, van kracht te
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 2015
Publicaties VU-geschiedenis | 456 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 2015
Publicaties VU-geschiedenis | 456 Pagina's