Ridders van het recht. De juridische faculteit van de Vrije Universiteit 1880-2010 - pagina 328
De juridische faculteit van de Vrije Universiteit 1880-2010
keuze te maken uit de rol van aandeelhouder, bestuurder, commissaris of lid van
de ondernemingsraad. De allochtone studenten kozen op één na voor het lid-
maatschap van de ondernemingsraad, een Antilliaans meisje koos met anderen
voor het aandeelhouderschap. Overigens wilde slechts één student commissaris
zijn. Twee jaar later waren er allochtone studenten bij alle rollen. Ook wilden
meer studenten commissaris zijn.
Aan het begin van de hier beschreven periode was er nog de oude situatie van
een kandidaatsonderwijsprogramma van twee jaar en daarna een doctoraalpro-
gramma van driejaar. In september 1982 werd de tweefasenstructuur ingevoerd,
waarbij in plaats van een kandidaatsexamen na twee jaar een propedeuse van een
jaar werd ingesteld naast een doctoraal van driejaar. Door veel studenten van die
324 tijd werd deze wet als een verwerpelijke verlaging van het academisch niveau ge-
^ zien. Wat privaatrecht betreft had dit tot gevolg dat de stof van twee jaar beginselen
< privaatrecht nu in een jaar moest worden geperst. Dit deed zeker af aan de op-
% bouw van het privaatrecht, dat zodoende niet meer concentrisch was opgebouwd.
w Een andere wijziging in het programma was dat vanaf 1993 niet meer het
^ vak handels- en rechtspersonenrecht - dat overigens uit twee losse onderdelen
^ bestond - gegeven werd. Het onderdeel handelsrecht werd na de invoering van
E de boeken 3, 5 en 6 van het nieuw Burgerlijk Wetboek vermogensrecht iii. Het
onderwerp vennootschapsrecht werd gevoegd bij rechtspersonenrecht, zodat
het vak voortaan vennootschaps- en rechtspersonenrecht heette.
In de verplichte fase was ook steeds het vak personen- en familierecht aan-
wezig. Daarmee onderscheidde de vu zich van sommige andere juridische facul-
teiten.
De hoogleraren in 1980
In deze bijdrage zal ik mij voornamelijk richten op de hoogleraren, hoewel ook
een aantal medewerkers kort de revue zal passeren. De hoogleraren worden hier
geïntroduceerd in de volgorde waarin de studenten in de loop van de studie met
hen te maken kregen. Als eerste kwamen zij G.H.A. Schut tegen, die sinds 1965 in
de kandidaatsfase het vak beginselen privaatrecht doceerde. Hij was in 1963 aan
de vu gepromoveerd op het proefschrift Rechtelijke verantutoordelijkheid en aan-
sprakelijkheid.^ Schut was een scherpzinnig man die zich niet makkelijk uitte,
maar soms humoristisch uit de hoek kon komen. Hij zette zich in voor adequaat
systematisch onderwijs in het privaatrecht. Zo schreef hij ten behoeve van het
onderwijs in de door Tjeenk Willink uitgegeven serie studiepockets privaatrecht
Bezit geldt als volkomen titel (1970), Rechtshandeling, overeenkomst en verbintenis
(1977), Onrechtmatige daad (1979), en samen met collega F.H.J. Mijnssen, Bezit,
leveringen overdracht (1982). Hij vertrok in 1983 van de faculteit naar het Amster-
damse gerechtshof, omdat de academische vrijheid zijns inziens door de voor-
waardelijke financiering ontoelaatbaar werd beperkt.
De laatste jaren werd het vak beginselen privaatrecht mede gedragen door
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 2015
Publicaties VU-geschiedenis | 456 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 2015
Publicaties VU-geschiedenis | 456 Pagina's