Ridders van het recht. De juridische faculteit van de Vrije Universiteit 1880-2010 - pagina 314
De juridische faculteit van de Vrije Universiteit 1880-2010
steeds meer mogelijkheden voor onderzoek en de vakgroepen strafrecht en cri-
minologie, die nauwer gingen samenwerken, ontwikkelden in de loop der jaren
een uitgebreid multidisciplinair onderzoeksprogramma, deels in samenwerking
met andere faculteiten en universiteiten. De eerste stap op die wegwas de multi-
disciplinaire bestudering van de politie via het interfacultaire Centrum voor Po-
litiewetenschappen, die buitengewoon succesvol bleek en leidde tot een groot
aantal publicaties en een belangrijke rol van de vakgroep strafrecht in de (perma-
nente) opleiding van de politie. Dankzij de herleving van het vak criminologie in
de jaren negentig konden door samenwerking van strafrecht en criminologie
(vanaf 1998 secties strafrecht en criminologie) ook multidisciplinaire onderzoeks-
programma's worden ontwikkeld voor andere onderdelen van de strafrechtsple-
310 ging. In deze programma's ging en gaat het juridisch normatieve onderzoek
^ naar de betekenis van rechtsbeginselen voor de toetsing van de strafrechtelijke
> handhaving en bestrij ding van internationale criminaliteit samen met empirisch
g onderzoek. Die ontwikkeling wordt hierna uitgebreider besproken.
o
«
z De periode 1980-1987
H Na het vertrek van Mulder in 1972 kwam de vakgroep strafrecht onder leiding
g van J. Remmelink, die in 1974 werd benoemd tot buitengewoon hoogleraar straf-
recht. Remmelinkwas sinds 1968 advocaat-generaal bij de Hoge Raad, daarvoor
was hij hoogleraar strafrecht te Groningen. Hij vervulde zijn hoogleraarschap
naast het ambt van advocaat-generaal, een combinatie die wel vaker voorkomt,
maar dat belette hem niet om, samen met de buitengewoon hoogleraar N. Keij-
zer, het vak strafrecht een volwaardige plaats in strafrechtelijk Nederland te be-
zorgen. Keijzer was als wetenschappelijk hoofdmedewerker aan de faculteit ver-
bonden en werd na zijn promotie (cum laude) in 1976 op het onderwerp The
military duty to obey (Amsterdam 1977) benoemd tot buitengewoon en later ge-
woon hoogleraar strafrecht.
Hoe de vakgroep in 1980 ervoor stond kan worden afgeleid uit de in dat jaar
door de vakgroep strafrecht en forensische psychiatrie ter gelegenheid van het
honderdjarig bestaan van de Vrije Universiteit gepubliceerde bundel Strafrecht
in perspectief [Arnhem 1980). In die bundel zien wij het begin van het brede per-
spectief dat kenmerkend zou worden voor de beoefening van het strafrecht aan
de Vrije Universiteit. Geschiedenis en grondslagen van de strafrechtspleging, de
dogmatiek van het materiële strafrecht, en ontwikkelingen in de rechtspositie
van de verdachte en de veroordeelde komen aan bod, niet alleen om de actuele
wetenschappelijke stand van zaken over een aantal onderwerpen weer te geven,
maar ook om met deze bundel een bijdrage te leveren aan het onderwijs in het
strafrecht.
In de jaren tachtig kreeg de vakgroep een meer vooraanstaande positie bin-
nen strafrechtelijk Nederland. Remmelink was sinds 1971 de bewerker van
Mr. D. Hazewinkel-Suringa's Inleiding tot de studie van het Nederlandse strafrecht
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 2015
Publicaties VU-geschiedenis | 456 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 2015
Publicaties VU-geschiedenis | 456 Pagina's