Ridders van het recht. De juridische faculteit van de Vrije Universiteit 1880-2010 - pagina 308
De juridische faculteit van de Vrije Universiteit 1880-2010
f
op de vu wat meer op hun gemak voelen dan in meer heidense omgevingen, waar
zij sneller als rariteiten worden gezien. Wanneer deze hypothese correct zou zijn
dan werkt het gereformeerde verleden van de vu nog door in de studentenpopu-
latie van vandaag.
Vrouwen op de faculteit
De eerste promotie van een vrouw tot doctor en de eerste benoeming van een
vrouwelijke hoogleraar aan de vu vonden plaats binnen de juridische faculteit.
Het betrof in beide gevallen dezelfde persoon: Gezina van der Molen.^ Maar daar-
na was het wat de vrouwen betreft relatief stil. Bij de studenten nam het percen-
tage toe van ongeveer 25 procent in de jaren zestig tot iets meer dan de helft nu,
304 bij de staf minder en onder de hoogleraren aanvankelijk helemaal niet.
g Na het emeritaat van Gezina van der Molen in 1962 duurde het tot 1966 voor
^ er weer een vrouw benoemd werd: Dimitra Kokkini-Iatridou, afkomstig uit Grie-
w kenland, werd toen hoogleraar internationaal privaatrecht en rechtsvergelijking.
^ In 1972 ging zij terug naar Griekenland, maar in 1976 werd zij opnieuw benoemd.
p^ In 1986 vertrok zij naar de Rijksuniversiteit Utrecht.
g Zowel gedurende het intermezzo van 1972 tot 1976 als na 1986 was het hoog-
" lerarencorps vrouwloos. Zelfwas ik decaan in de tweede helft van de jaren negentig
^ en ik trof bij mijn aantreden een louter uit mannen bestaand hooglerarencorps
g aan. Dat was geen gelukkige situatie. Vrouwelijke studenten dienen vrouwelijke
z ijkbeelden te hebben en zelfs een hooglerarenperspectief voor zichzelf te kun-
o nen zien. Bij alle vacatures drong ik er bij benoemingscommissies op aan toch
o vooral ook te kijken of er geschikte vrouwelijke kandidaten waren. Die waren er
PI
'ü soms wel, maar wilden niet altijd. Eén keer ben ik zelfs met een vrouwelijke kan-
2 didaat gaan dineren om haar over te halen. Ook dat (misschien wel: juist dat)
o hielp niet: ze bleef de voorkeur geven aan het meer beschutte rechterlijk bestaan.
H Een doorbraak kwam toen mijn opvolger als decaan, prof. Paul Vlas, het ge-
o niale idee kreeg het financieel overschot, dat de faculteit toen had, te verminde-
o ren door zeven vrouwen voor één dag per week tot hoogleraar te benoemen. Daar
werd in de publiciteit wat schamper over gedaan: het was louter voor de bühne.
Maar de zaak werd serieus aangepakt, de te benoemen vrouwen dienden aan alle
criteria voor een hoogleraarsbenoeming te voldoen. Veel van de toen benoemde
vrouwen hebben inmiddels een volledige hoogleraarsbaan, zij het niet altijd aan
de vu. Twee van hen [Catrien Bijleveld en Pauline Westerman) zijn lid geworden
van de KNAW, één (Anja Oskamp) is nu, na jarenlang decaan van onze faculteit te
zijn geweest, rector van de Open Universiteit.
Afsluiting
In het hiernavolgende deel van het boek worden de ontwikkelingen vanaf 1980
in verschillende vakgebieden geschetst. Zoals gezegd kunnen we in deze periode
veel minder dan in het verleden spreken over gezichtsbepalende hoogleraren.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 2015
Publicaties VU-geschiedenis | 456 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 2015
Publicaties VU-geschiedenis | 456 Pagina's