Ridders van het recht. De juridische faculteit van de Vrije Universiteit 1880-2010 - pagina 214
De juridische faculteit van de Vrije Universiteit 1880-2010
kantsopleiding voor de christelijke gereformeerden, bestond een rivaliteit die
niet altijd even broederlijk werd uitgevochten. Zo slaagde de vu er in 1902 in twee
hoogleraren uit Kampen (H. Bavinck en P. Biesterveld) naar Amsterdam te halen,
met in hun kielzog vele Kamper studenten. Het was een slag die de hogeschool
van Kampen ternauwernood te boven zou komen. Het zette kwaad bloed bij de
Kampenaren.
Ook de Donners voelden zich van oudsher nauw met Kampen verbonden.
De grootvader en vader van oud-minister J. Donner hadden er beiden de predi-
kantsopleiding gevolgd. Zijn grootvaderJ.H. Donner (1824-1903) was zelfs jaren-
lang lid van het curatorium van de hogeschool. Behalve als predikant was deze
Donner ook actief als politicus. Hij was 20 jaar lang een ijverig lid van de Tweede
210 Kamer voor de ARP (1880-1901). Aan zijn Kamerlidmaatschap is nog een mooie,
g maar waargebeurde anekdote verbonden. Op Prinsjesdag in september 1897 pre-
< sideerde hij als oudste Kamerlid de gezamenlijke vergaderingvan beide Kamers
a der Staten-Generaal. Nadat koningin Emma de troonrede had uitgesproken en
samen met de zeventienjarige koningin Wilhelmina, die voor het eerst aanwezig
was, de Ridderzaal verliet, was de bejaarde Donner zo bewogen dat hij spontaan
uitriep: 'Leve de koninginnen!' Zo stond hij aan de wieg van een parlementaire
? traditie, die tot op heden in ere wordt gehouden.
< J.H. Donner mocht als antirevolutionair Kamerlid dan een toegewijd aan-
^ hanger zijn van Abraham Kuyper, met diens Vrije Universiteit voelde hij als cu-
M rator van Kampen minder affiniteit. Ook zijn zoon ds. A.M. Donner deelde de
> scepsis jegens de vu. 'Zij waren bepaald geen vrienden van Kuyper en van de vu,'
^ schrijft De Ruiter over de ouders van 'zijn' Donner.^ Toen hun zoon Jan dan ook
o na zijn gymnasiumopleiding in 1907 rechten wilde gaan studeren, viel de keus
z niet op de vu maar op Utrecht. Daar promoveerde hij in 1912 (op stellingen) tot
ïo doctor in de rechtswetenschap. Zeven jaar later, zijn ambtelijke loopbaan was al
begonnen, zou hij in Leiden (eveneens op stellingen) promoveren tot doctor in
de staatswetenschap. Sindsdien mocht hij de dubbele titel mr. dr. voor zijn naam
voeren.
In 1922 werd J. Donner raadadviseur op het ministerie van Justitie, dat sinds
1918 onder leiding stond van de antirevolutionair mr. Th. Heemskerk, die al eens
eerder (1908-1913) minister-president was geweest. Van deze geestverwante, hem
ook persoonlijk sympathieke bewindsman zou Donner veel leren, als jurist en
als bestuurder. Minder indruk maakte diens opvolger, de christelijk-historische
politicus en predikant mr. dr. J. Schokking, overigens de eerste vu-alumnus die
minister van Justitie werd.^ Deze moest echter al spoedig aftreden, nadat het ka-
binet-Colijn in de geruchtmakende 'nacht van Kersten' ten val was gebracht door
de verwerping van de Nederlandse gezantschapspost bij het Vaticaan. In maart
1926 volgde Donner, nauwelijks 35 jaar oud, hem op als minister van Justitie.
Zijn jeugdige leeftijd als bewindsman bezorgde hem de bijnaam 'kind van staat'.
Als minister van Justitie (1926-1933) heeft Donner veel belangrijke wetgeving
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 2015
Publicaties VU-geschiedenis | 456 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 2015
Publicaties VU-geschiedenis | 456 Pagina's