Ridders van het recht. De juridische faculteit van de Vrije Universiteit 1880-2010 - pagina 62
De juridische faculteit van de Vrije Universiteit 1880-2010
plaatsen in den lande zou nog meer te vinden kunnen zijn: oude foto's, insignes,
brieven en andere stukken. Voor een deel zal men dit met recht onder zich heb
ben gehouden. Er zijn echter ongetwijfeld ook archivalia geheel ten onrechte in
particuliere handen gekomen. Hier moet sprake zijn geweest zo luidt de meest
welwillende interpretatie van het ingrijpen van oudbestuurders en anderen,
die zagen aankomen dat dergelijk materiaal alleen door verduistering van een
onherroepelijke ondergang zou kunnen worden gered. Het is zaak zulke men
sen oprecht en uitbundig voor h u n visie te prijzen, want komt hun wandaad uit
of biechten ze die op, dan kan dit meteen een belangrijk stuk verleden opleve
ren. Om de oogst te vergroten zou QBD zelfs k u n n e n overwegen het middel van
het erelidmaatschap weer uit de kast te halen.
58 Een wel heel spectaculair voorbeeld van aldus gered archiefmateriaal vormen
^ ö twee notulenboeken van QBD, waarvan niemand meer het bestaan vermoedde.
1 5 Het ene beslaat de jaren 18921904, het andere begint in 1926 en eindigt in 1939.
9 c Hoe de lotgevallen van deze notulenboeken zijn geweest is niet precies te achter
B '^ halen, maar zeker is wel dat twee namen met ere zijn te noemen, namelijk die van
te
^ I-H
2> ;^ mevrouw W.F. WijnmanHuber (voor langdurig bewaren) en die van mevrouw A.
>
van Solingevan Lange. Laatstgenoemde zorgde ervoor dat deze notulenboeken
m M
Z Z in 1997 via de toenmalige decaan van de juridische faculteit A. Soeteman en PR
g 2 functionaris W. Heersink, terechtkwamen bij de auteur van deze bijdrage. In
>o middels zijn ze ondergebracht in het vuarchief. De wetenschap dat dit soort
g waardevolle getuigen daar veilig bewaard blijven en uiteraard voor serieus on
^ O
PI derzoek beschikbaar zullen zijn, moge andere gewaardeerde boosdoeners ertoe
brengen eventuele andere kostbare restanten af te staan.
M
£ A De oprichting
o % Het oudste exemplaar van deze twee aanwinsten maakt met zijn eerste bladzijden
('No.i' en 'Boekder Notulen van de vergaderingen van het Juridisch Dispuutgezel
schap onder de zinspreuk 'Qui bene distinguit, bene docet') meteen al duidelijk
dat we hier met een van de alleroudste archiefstukken te maken hebben, en dat
QBD niet als 'faculteitsvereniging', maar als 'dispuut' begonnen is. Later horen
we meer over dit verschil. De eerste tekst uit dit notulenboek, de 'Geschiedenis
van het ontstaan van het Juridisch Dispuutgezelschap', voorgelezen en gearres
teerd op de vergaderingvan 3 februari 1893, zegt er dit van: de al lang bij enige
studenten van de juridische faculteit bestaande plannen om te komen tot oprich
tingvan een 'gezelschap van juristen [...] dat zich ten doel zou stellen elkander te
oefenen in het debat', waren in de eerste jaren van de vu moeilijk te realiseren
wegens gebrek aan voldoende studenten. Als we zien dat zich in de cursusjaren
18801881 tot en met 18911892 gemiddeld per jaar nog geen twee studenten
voor de juridische studie aan de vu lieten inschrijven, dan kunnen we ons daar
bij wel iets voorstellen.^ 'Eindelijk echter meenden de heeren L. van Andel en
A.F. de Savornin Lohman de zaak niet langer te moeten uitstellen.' Deze studenten.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 2015
Publicaties VU-geschiedenis | 456 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 2015
Publicaties VU-geschiedenis | 456 Pagina's