Ridders van het recht. De juridische faculteit van de Vrije Universiteit 1880-2010 - pagina 133
De juridische faculteit van de Vrije Universiteit 1880-2010
Dit impliceert een beperking van de volkenrechtelijke soevereiniteit. Die
houdt nog steeds in dat geen staat onderworpen is aan de rechtsmacht van een
andere staat. Maar zij houdt niet meer in (zoals in de negentiende eeuw alge-
meen geloofd werd) dat staten niet gebonden zijn aan enig hoger recht maar al-
leen aan hun eigen wil. Het tweede gevolg, een consequentie van het eerste, be-
tekent zelfs dat een staat niet meer het recht heeft te allen tijde oorlog te gaan
voeren. Dit mag ons nu vanzelfsprekend in de oren klinken, zo'n eeuw geleden
was het dat veel minder.
Anema was dus een warm voorstander van de Volkenbond. Vrede moest op
recht gebaseerd zijn. In een rede in de Eerste Kamer op 17 mei 1922 noemt Ane-
ma de toetreding tot de Volkenbond niet enkel een door de feitelijke toestand
opgedrongen noodzaak, noch een uit eigen belang voorgeschreven keuze, maar 129
een zedelijke plicht, zowel uit algemeen menselijk oogpunt als uit het gezichts- ö
punt van christelijke politiek.^^ ^
Na de Tweede Wereldoorlog is de Volkenbond ter ziele. Anema stelde vast dat ^
de Volkenbond mislukt was niet alleen omdat de Amerikanen er volstrekt bui- "
ten bleven, maar ook omdat de leidende lidstaten de Bond niet gebruikten ter «
bevordering van het algemeen belang, maar als instrument voor hun eigen na- «
tionale politiek. Of de toen net opgerichte Verenigde Naties het beter zouden a
doen zou, zo meende hij, nog moeten blijken.^^ >-<
Wanneer in 1949 de goedkeuring van het Statuut van Europa in de Eerste 0
Kamer aan de orde is, zegt Anema dat om de christelijke beschavingsbeginselen ^
duurzaam te beveiligen 'federale actie volstrekt onmisbaar' is. Daarvoor legt het *
Statuut de eerste parlementaire grondslag.^^ ?
Het is helder dat Anema gebondenheid aan fundamentele rechtsbeginselen «
belangrij ker vond dan een onbeperkte nationale soevereiniteit. £
De Calvinistische Juristen Vereniging
Anema stond ook aan de wieg van de Calvinistische Juristen Vereniging [cjv).
Over de ontstaansgeschiedenis daarvan is uitvoerig verhaald door de toenmalige
voorzitter mr. A. Schenkeveld in een herdenkingsrede uitgesproken bij het veer-
tigjarig bestaan van deze vereniging." Schenkeveld vertelt hoe rond de jaren
twintig van de vorige eeuw onder gereformeerde jongeren, en met name ook bij
de studenten onder hen, een zekere onvrede bestond. De traditionele geloofs-
waarheden vereisten enige vertaling naar de moderne tijd. Dit leidde tot een
samenwerkingsverband van een aantal organisaties (het vu-corps NDDD, het
Kamper corps FQI, de SSR en een Unie van meisjesstudenten aan openbare uni-
versiteiten) in een Gereformeerde Studentenbeweging (GSB), die in september
1918 een eerste congres organiseerde. In het blad van deze beweging 'Fraterni-
tas' schreven de latere secretaris-penningmeester van de cjvJoh.H. Scheurer en
Schenkeveld op 2 juni 1920 een artikel, waarin zij de inmiddels wat traag gewor-
den GSB nieuw leven probeerden in te blazen en erop aandrongen dat er meer
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 2015
Publicaties VU-geschiedenis | 456 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 2015
Publicaties VU-geschiedenis | 456 Pagina's