Ridders van het recht. De juridische faculteit van de Vrije Universiteit 1880-2010 - pagina 233
De juridische faculteit van de Vrije Universiteit 1880-2010
sociale denken. Van dat vertrouwen gaf hij blijk in veel van zijn publicaties. Die
betreffen de aldus aangesneden thema's, zowel op het niveau van het vennoot
schapsrecht in technische zin, als op het niveau van de vakbeweging en de be
drijfsorganisatie, maar ook op het gebied van het arbeidsrecht in engere zin. De
bundel Recht doen bevat een viertal publicaties omtrent de verhouding tussen
rechtspersoon en onderneming, waaronder een opstel uit 1963 over 'Hervorming
van de structuur der onderneming' en een artikel uit 1969 in De Naamloze Ven
nootschap over 'Taak, bevoegdheden en verantwoordelijkheden van de organen
van de nv'. Ook bevat de bundel een tiental opstellen over arbeidsverhoudingen,
loonvorming en staking, waaruit een toenemende acceptatie van de werksta
king als drukmiddel voor de arbeidersbeweging blijkt. Uit persoonlijk oogpunt
zij n echter minstens zo belangwekkend de portretten van figuren die op het den 229
ken van De Gaay Fortman een belangrijke invloed hebben uitgeoefend, zoals w
w
A.S. Talma, H. Sinzheimer, zijn promotor P.S. Gerbrandy en A. Anema. 2
Intussen toetste hij deze centrale gedachte dat de mens als mens tot zijn >
recht moest komen ook op andere gebieden dan het arbeidsrecht en het onder *
nemingsrecht. Zijn inaugurele rede wijdde hij aan de herziening van het echt ^
scheidingsrecht, waarbij hij genuanceerd pleidooi voerde voor de erkenning van ^
de onheelbare tweespalt als grond voor echtscheiding. Het onderwerp was in en 2;
rond de vu op zijn minst genomen heftig omstreden, naar bleek uit de talloze w
schriftelijke reacties die De Gaay Fortman ontving, onder meer van ds. J.J. Buskes, >
2
die refereerde aan het pastorale aspect van dit onderwerp en instemde met de be o
pleite verruiming van de echtscheidingsgronden. Prof. dr. J.J. de Jong verzocht ^
wegens zijn aanstaande echtscheiding ontheffing van zijn taak als hoogleraar z
politieke wetenschappen in de juridische faculteit." ^
Dat was het geestelijk en maatschappelijk klimaat waarin De Gaay Fortman «
het ambt van hoogleraar in de faculteit der rechtsgeleerdheid aanvaardde. Ook '^
voor hem, misschien wel des te sterker voor hem, gold het woord van Sillevis Smitt, £
00
dat van hem naast de vervulling van zijn werk als hoogleraar werd verwacht dat o
hij in het maatschappelijke en politieke leven een leidende plaats zou innemen,
reeds omdat hij bij zijn aanstelling de ruimte daartoe uitdrukkelijk had bedon
gen en de mogelijkheid voor zichzelf had gecreëerd om verbonden te blijven aan
het Vrij Nederland van Van Randwijk. Al heel spoedig werd hij organisator en
voorzitter van de ChristelijkSociale Conferentie en rector en docent bij de kader
school van het Christelijk Nationaal Vakverbond, maar bovendien werd hij kroon
lid van de SociaalEconomische Raad en van de SocialeVerzekeringsraad, als
mede gedelegeerde bij de Algemene Vergaderingen van de Verenigde N aties
(vanaf juli 1954 tot in 1956, steeds enkele maanden; zijn langdurige afwezigheid
liet zich niet zonder bezwaar combineren met zijn verplichtingen als hoog
leraar). Van bijzondere betekenis was voor De Gaay Fortman zijn benoeming tot
kamerheer in buitengewone dienst van H.M. de Koningin. Zijn lidmaatschap
van de Eerste Kamer (vanaf i960) culmineerde, nadat hij reeds in 1956 als kabi
i.j£ ^ji^iSpJi itcSiis^
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 2015
Publicaties VU-geschiedenis | 456 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 2015
Publicaties VU-geschiedenis | 456 Pagina's