Ridders van het recht. De juridische faculteit van de Vrije Universiteit 1880-2010 - pagina 273
De juridische faculteit van de Vrije Universiteit 1880-2010
mooi zou zijn als het die regels wèl bevatte)'. (85) Dat het onderscheid tussen
(eventueel wat extensieve) interpretatie en het maken van nieuwe regels niet erg
scherp is neemt het gelijk van Gerbrandy op dit punt niet weg. In de besproken
internationale context is dit extra van belang, omdat anders dan in nationale
context de tegenmacht van een corrigerende regelgever ontbreekt.
Colleges
Gedurende de vijftien jaar van zijn hoogleraarschap heeft Gerbrandy zich vooral
ontwikkeld tot een inspirerend collegegever. Zijn hoorcolleges waren vermaard,
zijn casuscolleges ook gevreesd. De te behandelen casus werd van tevoren onder
de studenten verspreid. Zijn bedoeling was, zegt hij nu zelf, de studenten tegen
elkaar te laten debatteren. Dat lukte over het algemeen voortreffelijk, maar voor- 269
onderstelde wel dat de studenten de casus goed voorbereid hadden. Wee degene so
die dat niet had gedaan of die een al te domme opmerking maakte: die kreeg er ^
ongenadig van langs. Eén keer in elke serie casuscolleges placht Gerbrandy boos ^
weg te lopen. Studenten dachten dat dat voorbereid was: hij gaf dan met opzet
(?) alleen de wat zwakkere studenten een beurt, stelde vast dat de studenten er
weer niets van terecht brachten en trok zijn conclusie.'*
Gerbrandy had altijd een grote belangstelling voor het wel en wee van zijn
studenten. Een zieke studente bezocht hij in het ziekenhuis. Wat hij precies m
moest zeggen wist hij niet en de studente zal zich er wellicht wat ongemakkelijk >
bij gevoeld hebben, maar de betekenis van het gebaar was er niet minder door. o
Talloze anekdotes werden over Gerbrandy verteld. Aan het begin van ieder 2
collegejaar placht hij een charmante vrouwelijke studente aan te wijzen om voor 2;
de rest van die cursus ervoor te zorgen dat er een glaasje water op zijn katheder ^
stond. 'Hoe heet u?', vroeg hij een door hem als zodanig aangewezen dame. «
'Bruins Slot, professor.' Gerbrandy raadpleegde zijn lijst en zag daarop dat er 'f
twee studentes Bruins Slot op stonden, van wie de één privaatrecht en de ander «
00
publiek recht studeerde: 'Bent u de private of de publieke juffrouw Bruins Slot?' o
Een andere keer verscheen de latere hoogleraar strafrecht Nico Keijzer voor het
eerst op college. Keijzer studeerde in een functie als militair en zat daar in mili-
tair pak, met alle versierselen die daarbij horen. Gerbrandy keek hem wat ver-
baasd aan: 'Wie bent u?' Het antwoord luidde: 'Keijzer, professor.' Waarop Ger-
brandy zijn handen ten hemel hief en uitriep: 'Wat ik al niet dacht!'
Waar generatiegenoten als De Gaay Fortman, Verdam en Diepenhorst talloze
werkzaamheden buiten faculteit en universiteit verrichtten - zij brachten het alle
drie tot minister - heeft Gerbrandy zich buiten de faculteit nauwelijks laten gel-
den. Vele jaren was hij voorzitter van de Calvinistische Juristen Vereniging, maar
dat was na zijn professoraat. Gerbrandy zegt dat hij zich vooral op zijn onderwijs
wilde concentreren. Dat heeft hij dan ook met veel succes gedaan. Zijn hoorcol-
leges waren nooit saai en lieten de studenten zien hoe juristen te werk gaan.
^
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 2015
Publicaties VU-geschiedenis | 456 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 2015
Publicaties VU-geschiedenis | 456 Pagina's