Ridders van het recht. De juridische faculteit van de Vrije Universiteit 1880-2010 - pagina 215
De juridische faculteit van de Vrije Universiteit 1880-2010
op zijn naam gebracht, zoals de ambtenarenwet van 1929.^ Toch is zijn naam
vooral verbonden aan de wet ter bestrijding van smadelijke godslastering van
1932, die hij na een bewogen verdediging door het parlement wist te loodsen.
Hoewel deze wet toen en later veel kritiek heeft opgeroepen, is Donner haar altijd
blijven verdedigen. Het bleek mij persoonlijk bij mijn promotie in 1979 te Gro-
ningen, toen ik als een van de stellingen bij mijn proefschrift, geheel in de geest
van de tijd de aanbeveling deed om het zogeheten Godslasteringswetje van mi-
nister J. Donner in te trekken. Nadat ik hem het proefschrift met stellingen had
toegezonden, kreeg ik per kerende post een briefje, waarin mijn stelling met be-
slistheid werd bestreden.
Na zijn ministerschap werd Donner in 1933 lid van de Hoge Raad, van welk
rechtscollege hij tot 1961 deel zou blijven uitmaken, vanaf 1947 als president. 211
Tijdens de oorlogsjaren was Donner betrokken bij het kerkelijk verzet en werd w
hij tot driemaal toe geïnterneerd. In februari 1944 nam hij ontslag als lid van de ^
Hoge Raad. Na de arrestatie van V.H. Rutgers werd hij in april 1944 lid van het ^
' Vaderlandsch Comité'. Na de oorlog kwam Donner naar voren als de aangewe- *
H
zen man om de reputatie van de Hoge Raad, die door een vergaande mate van I—I
M
accommodatie met de Duitse bezetter was aangetast, te herstellen. Zonder af- W
stand te nemen van dit omstreden beleid, wist hij de Hoge Raad als president in ^
rustiger vaarwater te brengen en haar morele gezag te versterken."* Minister zou m
en wilde hij niet meer worden, hoewel hij daarvoor in juni 1945 nogwelinaan- >
merkingwas gekomen. Wel zou hij in december 1971 op voordracht van het ka- o
binet-Biesheuvel wegens zijn grote verdiensten tot minister van Staat worden ^
benoemd. 2,
a
A.M. Donner *
Naast zijn ambtelijke bezigheden heeft Donner veel bestuurlijke functies ver- ^
vuld op maatschappelijk en politiek gebied. Deze inzet voor veelal christelijke «
organisaties van allerlei aard is niet alleen typerend voor J. Donner, we treffen o
het aan bij de Donners voor en na hem. Na 1945 mocht ook de Vrije Universiteit
van zijn bestuurlijke kwaliteiten profiteren. In dat jaar trad hij af als curator van
de Utrechtse universiteit en werd hij voorzitter van het college van curatoren van
de vu. Hij wisselde Utrecht dus in voor de vu, een stap die niet zonder symbo-
liek was. Tot 1966 zou hij deze functie met toewijding en gezag vervullen. Zelf
meende hij dat hij met zijn inspanningen voor de vu iets kon 'goedmaken', om-
dat hij indertijd als student voor Utrecht had gekozen.^ Maar ook de benoeming
van zijn oudste zoon André, eveneens in 1945, tot hoogleraar aan de juridische
faculteit van de vu kan een rol hebben gespeeld.
Andreas Matthias (André) Donner werd in 1918 geboren. Hij ging in 1936
rechten studeren aan de vu, deed al in 1939 zijn doctoraalexamen (cum laude)
en promoveerde in 1941 wederom cum laude bij Anema op het proefschrift öe
rechtskracht van administratieve beschikkingen. Zijn vader kon niet bij de promotie
/'
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 2015
Publicaties VU-geschiedenis | 456 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 2015
Publicaties VU-geschiedenis | 456 Pagina's