Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Ridders van het recht. De juridische faculteit van de Vrije Universiteit 1880-2010 - pagina 365

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Ridders van het recht. De juridische faculteit van de Vrije Universiteit 1880-2010 - pagina 365

De juridische faculteit van de Vrije Universiteit 1880-2010

2 minuten leestijd

S.E. ZIJLSTRA

Onherkenbaar veranderd. Staats- en

bestuursrecht na 1980

Inleiding 361

Gedurende een substantieel gedeelte van de beschreven periode, te weten 1987- w

1993 en 1999-2010, w^as ondergetekende verbonden aan deze afdeling. Van 2002 Z

tot 2008 als afdelingshoofd, en nadien in verschillende, al dan niet leidingge-

M

vende, rollen. Dat heeft het voordeel dat deze bijdrage bijna uit het hoofd kon c

worden opgeschreven. Nadelen zijn er ook. Zo dient zich allereerst de vraag aan,

hoe men zichzelf moet aanduiden: in de eerste persoon (de normale manier), de «

tweede (zoals voetballers doen) of de derde persoon enkelvoud (Caesar), dan wel, m

in een nog ernstiger vlaag van grootheidswaan, de eerste persoon meervoud. Voor en

hetzelfde probleem gesteld, koos LA. Diepenhorst in zijn geschiedschrijving i^

van de faculteit waar hij op dat moment decaan was, voor de derde persoon enkel- g

voud, hetgeen hem de mogelijkheid bood zichzelf neer te zetten als een 'ratelend tj

O

manusje van alles'.^ Ik volg zijn voorbeeld alleen wat betreft de keuze voor de

persoonsvorm. Een tweede, belangrijker, nadeel is dat het bespreken van gebeur-

tenissen, successen en mislukkingen, onvermijdelijk ook het eigen functioneren

betreft. Daar is niets aan te doen.

Diepenhorst beperkte zijn geschiedschrijving tot de hoogleraren. Dat is verlei-

delijk, want het scheelt een hoop werk, al heeft in de hieronder beschreven periode

ook op het hoogleraarsfront een stevige proliferatie plaatsgevonden. Zo'n benade-

ringzou echter geen recht doen aan de rol en betekenis die de vele andere medewer-

kers voor de afdeling hebben gehad en nog hebben. De beperkte mij ter beschik-

king staande omvang van deze bijdrage brengt wel mee dat ik niet iedereen kan

noemen, waarvoor bij voorbaat excuus. Ten slotte zij vermeld dat de secties sociaal

recht en migratierecht, die sinds enige tijd deel uitmaken van de afdeling staats-

en bestuursrecht, in een afzonderlijk hoofdstuk zullen worden behandeld. Ik kom

op zijn beoefenaren in dit hoofdstuk dan ook hooguit zijdelings terug.

De eerste jaren (1980-1987)

In 1980 bestaat de (dan nog) vakgroep staats- en bestuursrecht uit negen personen.

Er zijn drie ordinarii, te weten voor staatsrecht prof. mr. J.H. (Johan) Prins (dan

H.J. de Ru, hoogleraar economisch bestuursrecht en later staats- en bestuursrecht, 1987-2014.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 2015

Publicaties VU-geschiedenis | 456 Pagina's

Ridders van het recht. De juridische faculteit van de Vrije Universiteit 1880-2010 - pagina 365

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 2015

Publicaties VU-geschiedenis | 456 Pagina's