Revue 2000 - pagina 110
wereld in". Hij kwam uit een 'gereformeerd nest', dus werd het de Vrije Universiteit. In 1960 promoveerde hij tot doctor. Zijn proefschrift "Een onderzoek naar de motieven bij het kiezen van een beroep", leverde hem een Fuibright-beurs en een baan bij Standard Oil Company op. Inmiddels getrouwd, ging hij voor bijna anderhalfjaar in New York werken, waar hij onderzoek deed voor tegelijkertijd de New York University en de Standard Oil Company. Pieter Drenth werd in die tijd eigenlijk als een dwarsligger gezien. Hij voelde meer voor de hardere positivistische aanpak, die in Amerika werd gevolgd. 'Daar werd echte psychologie bedreven', zegt hij zelf. Methodisch, statistisch en experimenteel. In die tijd was in Nederland de psychologie meer fenomenologisch en sterk
gebaseerd op "common sense". Dat viel niet mee voor een man die hield van statistiek, wiskunde en fysiologie. Op het moment dat hem aan het eind van de Amerika-periode een aanbod werd gedaan door Standard Oil, kwam er een telegram uit Nederland. Wijngaarden vroeg hem dringend terug te komen. In Europa had er een wending plaatsgevonden. De meer kwantitatief gerichte psychodiagnostiek, testpsychologie en methodologie waren in opkomst. Pieter Drenth koos voor Nederland en werd van een dwarsligger een koploper. In 1962 werd hij lector in de psychodiagnostiek en vijfjaar later hoogleraar Arbeids- en Organisatiepsychologie en Psychodiagnostiek. Hij verklaart nog steeds gelukkig te zijn met de twee onderzoekslijnen die hij sindsdien heeft behouden. Omdat er met deze twee gebieden, het testtheoretische gebied en het gebied van toepassingen in organisaties, vruchtbare interacties plaatsvinden door de vele raakvlakken. Voorbeelden zijn situatieve selectie en diagnostiek van organisatiekenmerken. Voorts zijn Drenth en zijn groep sinds 1 969 actief geweest op het terrein van cross-cultureel onderzoek. Vanuit de testtheorie kunnen veel cross-culturele meetinstrumenten ontwikkeld worden. Crosscultureel testonderzoek werd verricht in Suriname, Indonesië,
Oost-Afrika, Zuidelijk Afrika en China. Om één van de vele onderscheidingen te noemen: op 2 juli 1 995 werd op de Acropolis in Athene de eerste Aristotelesprijs voor psychologie aan hem uitgereikt. Drenth kreeg de onderscheiding voor zijn excellente bijdragen aan theorie, research en professionele toepassingen op het terrein van de psychologie in Europa, waaronder een wereldwijd gewaardeerd handboek op het gebied van de Arbeids- en organisatiepsychologie. Hij heeft tevens een naam opgebouwd met zijn leidinggevende arbeid als voorzitter van verschillende internationale psychologieverenigingen en congressen en bijvoorbeeld als bestuurslid van de International Association of Applied Psychology en van het Human Factors Panel binnen het NATO Science Committee. In eigen land was Drenth onder meer bekend als President van de Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen en Rector Magnificus van de VU. Bij zijn afscheid als hoogleraar neemt hij ook afscheid als decaan van de faculteit der Psychologie en Pedagogiek. Maar zeker weten we dat hij nog zeer veel functies zal blijven bekleden. Zoals hij zelf zegt: ik ga nu terug naar een gewone fulltime baan.
prof. dr. RJ.D. Drenth
vrije Universiteit
amsterdam
Revue
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 2000
Revue | 124 Pagina's