Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Studentenalmanak 1899 - pagina 185

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Studentenalmanak 1899 - pagina 185

2 minuten leestijd

i83

Een doffe, apathische berusting, voor wie oppervlakkig

ziet onverschilligheid lijkend, houdt de stad gevangen.

Een berusting, die kalm laat komen wat komen moet,

een apathie van het „vandaag hij, morgen ik". De stad

ziet onverschillig het vreeselijkste, gaat zelfs genot scheppen

in het laten zien van wat droevig is en tragisch, meet het

uit in détails.

Men is gewoon aan rampen.

De ziekte stoort zich aan dat alles echter niet. Steeds

vaster en vaster klemmen zich om de stad de armen van

het snuivend, zwarte monster daarbuiten, vallen er neer in

de straten, sterven er in de huizen, lijden er op de kribbe.

De dood loopt achter den geneesheer, volgt den vluchteling

naar het station, wurgt hem in den trein. FamiUes worden

geslagen uit elkander. Ouders schreien om hunne kinderen,

kinderen vragen, waar vader en moeder toch blijven ; ter-

wijl die beiden slapen den slaap der dooden in den koelen

grond. De aanzienlijken worden weggeraapt en de armen

neergerukt tegen den grond. Eén dood maakt beiden stil.

Met vrachten rijden de karren de stramme lijken weg in

ruwe hulpkisten. Langzaam gaan de stoeten voorbij ; hol

ratelen de wielen over de harde straatkeien. De voorbij-

ganger kijkt even op ; maar, gewoon aan het gezicht van

den dood, zet hij, zonder er verder aan te denken, zijn weg

voort, zonder vrees en zonder smart. Geen vrienden en

verwanten zijn er dikwijls meer, om met hun dooden mee

te gaan den uitersten gang.

Ze sluimeren onder de groene zoden. Geen vriendenhand

was er, om de laatste schop aarde zacht te doen vallen op

de kist. R u w e doodgravers stoppen het lijk weg en stam-

pen de kuilen vol.

T E D AH.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1899

Studentenalmanak | 240 Pagina's

Studentenalmanak 1899 - pagina 185

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1899

Studentenalmanak | 240 Pagina's