Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Studentenalmanak 1899 - pagina 195

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Studentenalmanak 1899 - pagina 195

2 minuten leestijd

193

Willem van Oranje. Ik zag het beeld van den Zwijger uit-

gebeiteld, liggende op de tombe. De aanblik van dien groote

trof mij, maar meer nog werd ik aangedaan, toen ik aan

zijne voeten ontdekte het beeld van zijn nog grooter hond,

die hem eenmaal het leven redde en na zijn sterven zich

doodtreurde op zijn graf. Laat, broeders, die innige ver-

knochtheid tusschen hond en mensch, ons een prikkel zijn

om voort te gaan op den ingeslagen weg. Ik wil niet ont-

kennen, dat, zoowel in oude als in nieuwe tijden, zoowel

in Perzie als in China, zoowel in 't Noorden als in 't Zuiden,

den hond een zekere eer wordt bewezen door zijn mede-

schepsel den mensch. Ik wil niet over 't hoofd zien, dat

een onderscheiding als den hond van Willem I te beurt viel

niet een unicum is. Ja, ik geef toe, dat we in de huidige

periode met zekere voorkomendheid behandeld worden. Mijn

eigen maatschappelijke positie is van dien aard, dat ik ze

niet beter zou kunnen wenschen : mijn oude, goede mevrouw,

die bij gebrek aan man en kinderen, al de volheid van haar

liefhebbend hart over mij uitgiet, maakt mij het leven tot

een Paradijs. Maar de quaestie, waarom het thans gaat,

schuilt dieper. Reeds werd door de beide vorige sprekers

opgemerkt, hoe noch op medisch noch op ethisch gebied

de hond beneden den mensch staat. Ik voeg erbij, dat ook

op intellectueel gebied de hond den mensch overtreft. {Ap-

plaus). Immers, al hebben wij een andere taal als de mensch,

wij verstaan hem dikwijls beter dan hij ons ? Hij denkt wel,

dat alles, wat we zeggen één toon, één klank, één woord

is — maar wij weten beter! Laat de mensch het verachtelijk

blaffen noemen, wij houden onze taal hoog, en de tijd zal

komen, dat niet wij der menschen, maar dat de menschen

onze taal zullen spreken.

Moet ik U voorts nog wijzen op blijken van intellectueelen

hondenaanleg? Kent niet de hond zijn meester evengoed

als deze zijn gade kent? En wilt ge blijken van honden-

13

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1899

Studentenalmanak | 240 Pagina's

Studentenalmanak 1899 - pagina 195

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1899

Studentenalmanak | 240 Pagina's