Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Studentenalmanak 1900 - pagina 160

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Studentenalmanak 1900 - pagina 160

2 minuten leestijd

156

tien stuivers." Dus brommend brengt hij zijn arbeid ten

einde. Uit den grafheuvel geklommen, droogt hij met zijn

zwart-witten zakdoek het transpireerend gelaat af en gaat

naast den opgedolven aardhoop zitten. Het norsche gezicht,

waar de tijd reeds zijn stempel diep ingedrukt heeft, om-

geven door een kring van vuil witte baardstoppels, maakt

een onaangenamen indruk. Morrend en mokkend in zich

zelf, rust hij uit van den arbeid, die hem moeielijk begint

te vallen.

Terwijl Hannes daar naast het geopende graf zit, als

wachtende trawant des doods, komt langzaam een jongeling

op hem af. Deze, in den bloei en de kracht des levens,

vormt een waardig tegenhanger van den vergrijzenden

doodgraver. Reeds is hij dicht bij de groeve, eer Hannes

hem opmerkt. Het kraken van een verdord houtje onder

des jongelings voet doet hem omzien.

Verdiept in gedachten merkt hij niet op, hoe treurig dat

jeugdig gelaat zich teekent, hoe dof en mat de groet van

den naderende klinkt. Hannes ziet in hem slechts den zoon,

wiens vader als ouderling meegewerkt heeft om hem te

benadeelen. Terstond komt nu de argwaan in zijne ziel op.

Snel schiet hem te binnen, dat deze misschien komt om

zijn werk te inspecteeren.

In een oogwenk zijn deze vermoedens bij hem tot zeker-

heid gerijpt. Daarom laat hij den groet onbeantwoord, maar

met eene norsche stem zegt hij: „Wat kom je hier doen?

W i l je mijn werk nazien? Heeft je vader je soms gestuurd

om eens te kijken of ik bij zoo'n hongerloon de graven

misschien minder diep zou maken ? Je vader heeft er immers

ook voorgestemd?

„Je kunt zien, ga je gang, kijk zoolang je wilt."

Met deze woorden draait hij den jongeling den rug toe.

Een weinig onthutst staart deze den oude aan. In den

woordenvloed, die als een stroom tegen hem aanbruiste.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1900

Studentenalmanak | 238 Pagina's

Studentenalmanak 1900 - pagina 160

Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1900

Studentenalmanak | 238 Pagina's