Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Studentenalmanak 1900 - pagina 170

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Studentenalmanak 1900 - pagina 170

2 minuten leestijd

i66

Nevelachtig, nattig Novemberweer, halfdonker; de Am-

sterdamsche gracht koud, ongezellig (het loopt tegen

St. Nicolaas, dan zijn de winkelstraten warm, licht en vol,

de grachten, kil, donker en verlaten). Een alles doordrin-

gende motregen druipt traag neer in het water van de

breede gracht, bruinig grauw met plekken en strepen vuil.

De ontbladerde boomen staan netjes rechtop, op eene

rij, te weenen over de vergane zomerschoonheid. Het lijken

nu wel groote takkenboomen op dikke staken, die fatsoen-

lijke stadsboomen. Het is ongeveer drie uur in den middag;

hier en daar in de huizen steekt men reeds een licht op

en het schijnsel naar buiten is als een voorpost der huise-

lijke gezelligheid in het vijandelijke land van guurheid,

somberheid en dood. Een enkele vluchtige voorbijganger,

anders geen menschelijk wezen op straat. Ja, toch. Ginds

bij dien boom een lang, schraal man, in kleur van kleeding*

dien natten boom gelijk en bijna niet te onderscheiden uit

de verte. Bleek, uitgehold, ongeschoren gelaat, roode oogen,

roode, beenige handen en vingers. Lange natte haren hangen

van achteren onder zijne pet uit over een vuil, gekreukeld

boordje en dan volgt verder naar beneden eene vettige

jas, die zijn lichaam vast omsluit en zóó de magerheid ervan

doet uitkomen, dat er wel niets haast onder kan zitten. Een

broek even oud en gesleten, met uitgerafelde, afgetrapte

pijpen, over schuin afgeloopen, van gaten en barsten rijk

voorziene schoenen, (eenige rijkdom in de uitrusting van

dien man!) zie daar zijn portret. Neen, nog iets ontbreekt.

Onder den arm draagt hij iets in een zwarten doek gehuld.

Nu brengt hij het naar zijn mond, zonder den doek er geheel

af te nemen. Eene trompet? Onze would be musicus?

Ja, hij is het. Zou het alleen voor den regen zijn, dat hij

dien doek zoo zorgvuldig over het instrument houdt, of

ook, opdat het koper niet zoo uit de verte gezien zou wor-

den aan zijn mond. Hij mag immers niet. Of waarvoor

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1900

Studentenalmanak | 238 Pagina's

Studentenalmanak 1900 - pagina 170

Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1900

Studentenalmanak | 238 Pagina's