Studentenalmanak 1901 - pagina 164
i6o
„Nee, nee, dat moet hij nu maar niet doen, ze kennen
den weg wel, hij moet maar rustig thuis blijven."
„Nou, zoo as de jongeluu willen . . . . moar wacht nog is
effen, Kobus het nog wat veur ow," houdt hij hen tegen
als ze reeds „buuten deur" staan, en met eene voor zijne
jaren verwonderlijke vlugheid loopt hij naar zijn schatten
en bij zijn terugkomst reikt hij met een „Mo' j ' is lézen, ze
bint zoo mooi", ieder een paar traktaatjes toe, „went 't
binnen toch eigeük ook nog moar kienders."
„G'n oavond beeren, wel thuus juffers."
„Welterusten Kobus," roepen de scheidenden hem nog
toe en daar gaan ze.
Weldra is bij Kobus alles in zoete rust.
En den volgenden morgen vroeg duwt hij weer den
piependen kruiwagen met de groote mand langs den zand-
weg en neuriet weer zijn lievelingslied „um de piene oan
z'n voet."
NATHAN.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1901
Studentenalmanak | 254 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1901
Studentenalmanak | 254 Pagina's