Studentenalmanak 1901 - pagina 137
TE DEUM LAUDAMUS.
jjl^^en volgenden dag beierden de klokken hunne vroolijke
\^j tonen uit over de stad, in hun bronzen bengelend
luien het volkslied ter eere van den verj'aardag des konings.
Heel de natuur j'ubileerde. Het oogverblindendst zonne-
schijnen doet alles schitteren in een goudglans van rossen,
roodigen gloed. Van het kruis op de torens der kerken
glij"den vloeiende, gloeiende stroomen van verguld over het
leiblauwe yan het dak, en druipen in fonkelende, lichtende
druppels langs de hooge geschilderde ramen af. De van
warmte hij'gende, trillende lucht breekt allen vorm, allen stij'1
en doet alles weekelijk golvend oplijnen naar het oneindig
Azuur.
Zoo waren de levenlooze dingen vroolij'k en j'uichten zeer,
omdat de gebieder des lands zijn feest vierde. En de
levende natuur niet minder was verheugd. De vogels hipten
zoo vroolijk weg over de straten en de enkele zangvogels
kwinkeleerden zoo blij hun hoogste lied.
E n de menschen? Met opgewekte, levenslustige gezichten
gingen ze met lichten tred en blijmoedigen gang huns weegs,
veelal in knoopsgat of ceintuur dragend een tastbaar bewijs
van de liefde voor hunnen Vorst! Een ware, ongedwongen,
welgemeende vroolijkheid.
Het was een echte nationale feestdag, met niet alleen
goede wenschen en felicitatie's in officieele speechen en
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1901
Studentenalmanak | 254 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1901
Studentenalmanak | 254 Pagina's