Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Studentenalmanak 1901 - pagina 141

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Studentenalmanak 1901 - pagina 141

2 minuten leestijd

137

donkerend schoven over het in goud geborduurde kruis op

diens rug.

Daar ruischten hoog langs de hoogs kerkwanden de eer-

ste tonen van den lofzang. Te Deum laudamus. Te Domi-

nem confitemur. De helderhooge jongensstemmen juichten

het uit, juichten het ver uit tot de beschilderde muren, en

langzaam, plechtig voortgedragen op de snaargolven van

harpen en violoncels ging het verder: Te aeternum patrem

omnis terra veneratur. Krachtig begon het, stem na stem

viel in met een spontaan aanzwellen, en eindelijk daverde

het in een machtig forte door de kerk, donzend deinde het

op tegen het middendak, de pilaren, maar het weerkaatst,

valt pijlsnel naar beneden en woelt daar uit in eene bran-

dende, kokende zee van geluid. Maar het stijgt nog, het

gezang, de jubeltoon wordt nog krachtiger, nog intenser,

de bas rolt zwaarder, dieper aan en de andere stemmen

stijgen nog hooger, nog hooger tot in de ijle luchten van

extaze en eindelijk daveren al de echo's der diepe gewel-

ven, eindelijk jubelen donderend alle verborgenste hoeken

van het gebouw mee: Sanctus, Sanctus, Sanctus, Dominus,

Deus, Zebaoth.

Thans daalt de toon en al spoedig daarop weerklinkt

het: Te martyrum candidatus laudat exercitus, dan is het

of de dooden zijn opgerezen uit hun narcotisch bestaan van

verteerde menschen, en of slechts zij zingen, in heilige

vreugde, stralend van geluk over eene meer-dan-overwin-

ning. E n van de plaats, waar het zangkoor is opgesteld,

daalt als een regen van klankgebloemte over de hoofden

der hoorders — een maische regen van leliën en passie-

bloemen.

De impressie op de geknielde menigte is overweldigend.

Ieders houding verraadt de diepste aandacht, een verheven

emotie van serene kalmte. Haar eigen wil heeft ze moeten

verzaken, als een kind heeft ze zich laten gaan, zich laten

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1901

Studentenalmanak | 254 Pagina's

Studentenalmanak 1901 - pagina 141

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1901

Studentenalmanak | 254 Pagina's