Studentenalmanak 1904 - pagina 185
üiT DEN ZUID-AFRIKAANSCHEN OORLOG.
„Vreeselijk is het te vallen in de
handen des levenden Grods."
et was vroeg in den morgen.
De zon, nog achter de hooge bergen op den achter-
grond verscholen, kon iiare gloeiende stralei; nog niet
in verzengendeu gloed doen uederschieten.
't Was stil.
Geen ritselen van de bladen der eeuwenoude boomen langs
den oever der breede rivier, geen geluitl van vogel of dier
verbrak de rust van het tropische oerwoud.
De regen, die gedurende een deel van den nacht bij stroo-
men was nedergevallen, had opgehouden.
Eene frissche, aangename koelte had de hitte der voorgaande
dagen vervangen.
De atmosfeer was niet langer vervuld met fijne stofdeeltjes ;
niet langer kou bij den geringsten windstoot het mulle woes-
tijnzand van den breeden weg langs de rivier in wolken
omhoog dwarrelen.
Helder stak het frissche, jonge groen tegen den grauwbe-
wolkten hemel af.
Scherp omlijnd, door de klaarheid der lucht naderbij lijkend,
teekenden de bergen zich af op den achtcrgroiul.
De natuur scheen als verjongd en toch ook tegelijkertijd
ter neer gedrukt, in zwaarmoedige stemming.
Daar was iets vreemds in die buhengewone stilte, iets
sombers in die grauwe wolken aan deii hemel, 't Was, als
verbaasde zich de natuur, als gevoekle zij zich ontstemd.
Was het niet juist gezien?
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Studentenalmanak | 234 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Studentenalmanak | 234 Pagina's