Studentenalmanak 1904 - pagina 162
158
Hij nam afscheid van ons voor dit leven. Nauwlijks hoor-
baar was zijn stem:
„Nu wilde ik nog wel blijven, want gij zoudt mij trouw
zijn, dat weet ik. Maar, mijn moeder.... is . . . . mij voor-
gegaan . . . . zij is d a a r . . . . boven."
Zoo is hij heengegaan, getroost, gelukkig. Studentenharten
zijn niet boos, niet wreed. Ook zonder dat wij nog over
hem spraken en iets vertelden van zijn onvergetelijk sterfbed,
lieten zij zijn verkeerde eigenschappen rusten en beklaagden
zijn vroegen dood.
Het duurde niet lang, of zij naam was vergeten. Hij liet
geen indruk achter, de eenzame.
Maar een half jaar na zijn dood, toen de Planeet weer
op mijn kamer zat, en weer rookte in zijn makkelijken stoel,
en weer praatte over alles, zeide hij op eens:
,.Ik ben van middag bij het graf van de G-root geweest".
„Hoe kwam je daar zoo toe ?"
„Ik heb een inscriptie op den steen laten zetten. Als je
lust hebt zullen we morgen samen het eens gaan zien."
En den volgenden dag wandelden wij naar de plaats, waar
hij begraven was, en daar las ik op zijn steen gebeiteld :
G-ehjk zich een vader ontfermt over de kinderen,
ontfermt zich de Heere
over degenen, die Hem vreezen.
MAEO.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Studentenalmanak | 234 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Studentenalmanak | 234 Pagina's