Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Studentenalmanak 1906 - pagina 353

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Studentenalmanak 1906 - pagina 353

2 minuten leestijd

FARRAGO 337

Dat hij nooit verdwijne, de rookpluim!

AAR is een e oude sage. Wat zegt de oer-oude sage?

Luistert: op de toppen der bergen is het eeuwige

vuur. Want het vuur is de warmte; en de warmte

is het leven; en het leven de liefde. Zoo is dan

het eeuwige vuur leven en liefde in eeuwigheid. En de

menschen hunkeren naar leven en liefde in eeuwigheid.

Daarom zoeken de menschen het eeuwige vuur.

Is de sage waar?

Ziet, dit is toch waar: de kinderen der aarde beminnen de

eeuwige bergen; zij beklimmen de eeuwige bergen. Zij

branden op de toppen hunne vuren der vreugde. Zij ver-

tellen aan de verte hun nood en hun leed, hun behoefte

en vreugd door vurige signalen van de toppen der eeuwige

bergen. Excelsior! Op den hoogsten top staat de banier der

hoogste menschelijke idealen.

O sneeuw en ijs der bergen, o leven en vreugde, o lied en

zang der bergen, o heimwee der eeuwige bergen!

En kust niet de zon allereerst bij het ontwaken de toppen

der geliefde bergen? En sterft niet de zon in de laatste,

vurige omhelzing van de toppen der geliefde bergen?

O, die laatste omhelzing, waarin de zon sterft aan den hals

des geliefden I

Ja, als offers, die des avonds branden, die avondbrandoffers

op de toppen der bergen!

In goud flonkert de sneeuwige top van den hoogen reus,

den koning dier fiere groep. Geen wonder! De zon heeft

zich daar gezet en haar gulden kleed plooit zich over den

marmeren troon. Wie waagt het te staren naar den ver-

blindenden zetel van haar, die alle leven gebied^?

O schitterende schittering!

En toch moet zij schitterend ondergaan! Welhaast. Reeds

rijst de schemering en de nacht uit het dal. O stervende

liefde; nu gaat het door al de rijkdommen en schatten

22

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1906

Studentenalmanak | 380 Pagina's

Studentenalmanak 1906 - pagina 353

Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1906

Studentenalmanak | 380 Pagina's