Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Studentenalmanak 1906 - pagina 338

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Studentenalmanak 1906 - pagina 338

2 minuten leestijd

322 FARRAGO

De arme kon niet meer. En toch, ach nog één wensch

koesterde hij : te sterven, maar zonder dat honend geloei

van den wind in zijne ooren, zonder dat voortdrijvend

geeselen der regenvlagen. O, als hij gindsch bosch mocht

bereiken en aan den voet dier hooge boomen rustig sterven,

de wind nog slechts in de hooge toppen suizend, de regen,

in kracht gebroken rustig in druppels leekend op zijn uit-

geput lijf, beide verzoend, nu hij den strijd opgeeft, beide

hun stervensrythmus hem wijdend.

En krachtig is zijn laatste pogen, dien wellust te verkrijgen.

Hij bereikt het bosch, het gewenschte en . . . . om den

hoek schijnt hem tegen een lichtend venster van eene een-

zame hut.

O, gezegend dat wenkende schijnsel op des rampzaligen

pad! Het flauwe licht blijkt machtig; het wekt weer op

de begeerte in dien ongelukkige om, trots alles, te l e v e n .

En niet onder een boom, maar voor de deur der hut valt

hij in onmacht

Opgenomen en verpleegd verlaat hem mijn droom.

In diepste diepten van vagebonden-ellende zat neer de

»ruïne van een mensch«, »de geroepene des Heeren«, de

gevallen ster. Daar vond hem de Christelijke Liefde en

voerde hem ten buit, ja, voerde hem als bruid voor zijn

Rechter en Koning.

AN den Rijn strekken fier de oude ridderkasteelen

hun misvormd lijf. Om hen toch, om hen komen

de vreemdelingen. De faam verbreidt den roem

hunner bemoste steengevaarten en lokt ter

Dedevaart.'

Groot is de ruïne, vorstelijk. Het mos en de wingerd, in

bloei van leven, en frischheid van jeugd schamen zich de

oude gesteenten niet. Integendeel. Zij koesteren en streelen

de oude steenen, dankbaar, dat ze mogen deelen in hun roem.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1906

Studentenalmanak | 380 Pagina's

Studentenalmanak 1906 - pagina 338

Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1906

Studentenalmanak | 380 Pagina's