Studentenalmanak 1906 - pagina 356
FARRAGO
Al maar door zingen de kinderen; het wordt donker steeds
meer en meer; de geloovigen komen en gaan; eindelijk
houdt het gezang op. De kleinen buigen voor het Hoog-
waardige, kruisen zich met wijwater, stappen devoot op de
teenen tot de deur en joelen dan weer naar buiten
De laatste, die ter vesper kwam, ging; de priester is reeds
verdwenen; de kaarsen worden gedoofd. En eenzaam brandt
.s
het eeuwige roode licht in de duisternis der kerk.
T R A K S zal rijzen uit de wonigen de avondbee
van menig eenzaam biddende. En deze vesper-
klanken en deze gebeden zullen met vele kreten,
met vele vloeken, met vele zuchten, met vele,
oneindig vele uitingen van het bont geschakeerde menschelijke
zieleleven opgaan uit de roezige wereldstad naar boven,
naar boven.
Waar zijn de beden als offers, die des avonds branden?
O de vredezegen!
O het eeuwige vuur!
De dageraad! G. L.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1906
Studentenalmanak | 380 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1906
Studentenalmanak | 380 Pagina's