Studentenalmanak 1908 - pagina 132
HET BUURMEISJE.
m 0 0 klein,
Toen ik
Je oog, je
Je zelve
zoo jong, zoo schoon.
voor 't eerst jou zag;
mond, je koon.
was een lach.
We woonden naast elkaar;
We stoeiden eiken dag;
De menschen vonden 't raar;
Ik dacht, dat niemand 't zag.
Je was eens jarig toen ;
Ik zie ons beiden n o g ;
Ik stal voor 't eerst een zoen;
Je vondt dat toen bedrog.
Je was een vroolijk kind;
W e speelden verder vrij;
Ik bleef je beste vrind ;
Meer vroeg je niet van mij.
Vier jaren vlogen weg;
Toen zag ik jou eens weer.
Ik hoor het, als ik 't zeg;
Je zeidet toen: mijnheer.
Ik stond toen vlak voor jou;
W e kleurden voor elkaar;
Ik sprak zoo iets van: nou.
Noem mij maar niet zoo raar.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1908
Studentenalmanak | 170 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1908
Studentenalmanak | 170 Pagina's