Studentenalmanak 1909 - pagina 145
NACHTELIJKE ANGST.
Le silence éternel de ces espaces infinis m'effraie.
PASCAL.
I E T S is er dat beweegt. Niets komt de stilte storen.
T e r n a u w e r n o o d . . . van tijd tot tijd... gerucht...
[heel ver . . .
En, roerloos tusschen 't riet, blinkt eenzaam de
[avondster
En teekent op het watervlak een zilvren voren.
Maar hoor ! de wind steekt op. Zie, hoe de weerschijn plots
Zich uitrekt, krimpt, en kruipt, en in spiralen kronkelt,
En in de rimpels van de oppervlakte fonkelt
Gelijk een lang reptiel dat voortschuift op een rots.
Zoo voelde ik op mijn ziel den adem van den Twijfel.
Ik weet nu, dat gij de eeuwigheid des Hemels vreest,
Zijn reinheid, stilte, rust, en ongestoorden vrede.
En wilt gij in die ziel een blik slaan ? Kom dan mede.
Hier, ziet ge niet, waar 't vroeger rustig is geweest,
Slangen van vuur zich kronklen onder fel gesijfel ?
MYRTILLUS
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1909
Studentenalmanak | 184 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1909
Studentenalmanak | 184 Pagina's