Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Studentenalmanak 1911 - pagina 297

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Studentenalmanak 1911 - pagina 297

2 minuten leestijd

FARRAGO 281

In de Christinnereis vervalt hij soms tot zeer beden-

kelijke plastiek. Het zoogenaamd medisch gedeelte, waar-

mede Betje Wolff en Agatha Deken zoo hebben gespot, is

inderdaad een platte toepassing van geestelijke waarheden.

\

NAANGENAAM is voorts bij de allegorie de

eindelooze tendenz. Overal zit een waarheid achter

de waarheid. Daardoor nemen Bunyans werken,

ondanks hun vele dichterlijke schoonheden, in de

kunst geen hooge plaats in. Want de kunst wil geen tendenz.

Zij brengt die wel mee. Tendenz zit er wel in, maar zij is

nooit rechtstreeks haar doel. De methode van Bunyan is

een reactie tegen de Grieksche kunst. Zij is het realisme

ten top gevoerd. Bunyan laat alles zien. Hij zegt alles, alles

in eens en geheel.

Dit nu doet de kunst nooit. Deze laat ook wel veel

zien, maar zij geeft nog meer te vermoeden. De hooge

kunst houdt ons steeds op een eerbiedigen afstand van haar

object, zij brengt er ons nooit onmiddellijk bij. Poëzie is,

naar het zeggen van Göthe, altijd een gesluierde schoonheid.

Een soort schemering moet er zijn tusschen het voorwerp

der kunst en den beschouwer. Dan eerst is het waarlijk

schoon. Deze lichte omhulling verhoogt onze verwachting

zeer. Die schemer werkt fijne, zeer fijne nuances. De groot-

heid der kunst toch bestaat hierin, dat zij ons veel meer

doet vermoeden, dan onze oogen ooit kunnen zien. Zij

toont half openstaande vensters in wat voor ons oog geheel

verborgen is.

Groote gedachten te hebben en den onweerstaanbaren

drang in zich te gevoelen, om die buiten zich te stellen, te

objectiveeren, dat is het genie van den kunstenaar. Het

groote, het onuitsprekelijke in een kleine ruimte te bergen,

om 't even of die ruimte met de hand gezocht wordt op

het klavier, met het penseel op het doek of met den beitel

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1911

Studentenalmanak | 340 Pagina's

Studentenalmanak 1911 - pagina 297

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1911

Studentenalmanak | 340 Pagina's