Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Studentenalmanak 1911 - pagina 51

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Studentenalmanak 1911 - pagina 51

2 minuten leestijd

TOESPRAAK Dr. W. GEESINK 41

andere niet gemeen, dan alleen den uitverkorenen Godsc.

Doch waar ik handel over óns academisch leven, dat

als zoodanig niet op het gebied der particuliere genade,

maar wel op dat der gemeene gratie staat, laat ik déze,

zoo innig­mystieke, zoo heilig­teere, innerlijke onderschei­

ding van het menschelijk leven hier rusten.

Maar Gods Woord, maar de Schrift wijst ons ook op

een andere, evenzeer innerlijke onderscheiding, die ons

academisch leven als zoodanig nader raakt.

Ik roep u daartoe twee schriftuurplaatsen voor den geest,

en wel de eene uit den 73sten Psalm, de andere uit het

25ste hoofdstuk van I Samuel.

De Schrift doet ons discerneeren het menschelijk leven

en stelt daarbij het doen van den MENSC H op den voorgrond

in het woord van ASAF tot zijn God: »Want ziet, die verre

van U zijn zullen vergaan, — maar mij aangaande, het is

mij goed nabij God te zijn«. — De Schrift doet ons dis­

cerneeren het menschelijk leven en stelt daarbij het doen

GODS op den voorgrond in dat woord van ABIGAIL tot

DAVID: >ZOO zal de ziel mijns beeren ingebonden zijn in

het bundelke der levenden bij den HEERE, uwen God, —

maar de ziel uwer vijanden, zal Hij slingeren uit het midden

van de holligheid des slingers«.

In deze twee Schriftwoorden ligt één zelfde innerlijke en

daarom wezenlijke onderscheiding van het ééne menschelijk

leven.

Staan wij, om te komen tot de bezinning over ons

academisch leven daar eenige oogenblikken bij stil.

SAF was verontrust door bangen twijfel. Het

groote probleem, waarmee hij worstelde, dat van

het lijden der vromen en den voorspoed der

ongodvruchtigen, hét probleem der Israëlitische

Wijsheid, — liet ook hem geen rust. Maar tot rust was hij

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1911

Studentenalmanak | 340 Pagina's

Studentenalmanak 1911 - pagina 51

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1911

Studentenalmanak | 340 Pagina's