Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Studentenalmanak 1912 - pagina 194

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Studentenalmanak 1912 - pagina 194

2 minuten leestijd

186 FARRAGO

het geloof aan de zedelijke wereldorde, die zich realiseert

in de geschiedenis, en practisch de overtuiging, dat de

waarheid tegelijk is daad, dat de heerschappij over de

»Erscheinungen« tevens is heerschappij over zichzelf en de

wereld rondom ons. Wat Carlyle van Fichte scheidt is het

verschil der beide grondbegrippen »rede« en »geloof«.

Fichte prijst de bewuste redelijkheid aan en meent bij

voldoende consequenties eens absolute waarheid te mogen

verwachten, Carlyle daarentegen neemt het naïeve en on-

bewuste in bescherming, dat in geloof blijft staan bij schaduw

en symbool.

Dit onderscheid werkt zich uit in beider beschouwing

van God. Bij Fichte is God niet afgezien van ons denken

en handelen. Onze taak is het de zedelijke wereldorde en

daarmee God in de historie te verwerkelijken. Bij Carlyle

»de Calvinist« is God persoon, hoogste persoonlijkheid,

die naar zijn eeuwigen raad als souverein de geschiedenis

der individuen en volken regeert. Want in Carlyle is toch

de oude Calvinistische geest levend gebleven. En er is iets

aandoenlijks in zijn herhaalde verzekering, aan zijn oude

bezorgde moeder gedaan, als hij met haar weer zit aan

het vuur van den ouderlijken haard, dat hij van »het ware

geloof« niet is afgeweken, dat hij slechts gekleed heeft

in een nieuwen vorm. Zij heeft haar oprechten Thomas

altijd vertrouwd — zij doet het ook nu.

Op deze geschiedenis der individuen en volken heeft

Carlyle bizonder het oog gevestigd. Hij is naast dichter

historicus. En thans hebben we de elementen gereed waaruit

hij zijn geschiedenisphilosophie heeft opgebouwd :

De geschiedenis is de realiseering der zedelijke wereld-

orde, deze realiseering geschiedt in den weg der symbolen,

de voornaamste symbolen zijn niet toestanden of feiten,

maar personen, helden.

Zoo herleidt Carlyle zijn geschiedbeschouwing tot hel-

denvereering. Deze heldenvereering is het lievelingsthema

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1912

Studentenalmanak | 242 Pagina's

Studentenalmanak 1912 - pagina 194

Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1912

Studentenalmanak | 242 Pagina's