Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Studentenalmanak 1916 - pagina 128

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Studentenalmanak 1916 - pagina 128

2 minuten leestijd

112 FARRAGO

te gaan, maar tegelijk ook, dat dit in den aard der zaak

zelve ligt: ,,Terecht heeft Plato zich afgevraagd en onder-

zocht, of men van beginselen heeft uit te gaan, dan wel er

op heeft af te gaan" (Aristoteles).

Zoo heeft Plato dan op een wijze, die hier niet verder

kan besproken worden, gehandhaafd een algemeen-geldige,

een objectieve waarheid en zoo dan ook gehandhaafd tevens:

den grondslag, beter: de mogelijkheid eener Staatsleer.

De sofistiek ondermijnde, krachtens haar wezen, den

grondslag van lederen Staat, van elke gemeenschap. Dui-

delijk wordt ons dit getoond in het eerste boek der Politeia,

waar van sofistische zijde betoogd wordt hoe de wetten

niet anders zijn dan een verdrag, een overeenkomst tusschen

degenen, die onrecht doen en degenen, die, als noodzakelijk

gevolg, onrecht lijden. Van beide zijden, zoo wordt gezegd,

is eigenbelang in 't spel. Want kan er straffeloos onrecht

gepleegd worden, dan staat ieder er aan bloot. Alleen

onrecht doen zonder op zijn beurt onrecht te lijden, bestaat

niet, dan misschien voor den tyran. Daarom — in vredes-

naam — maar een accoord aangegaan. Maar, natuurlijk:

niemand die zich ook maar allerminst hieraan innerlijk

gebonden gevoelt. Gelukkig dus hij — zoo laat Plato de

conclusie trekken — die, niettegenstaande al de wetten,

nog onrecht weet te doen en zich ter afwering van 't onrecht-

lijden, weet te stellen onder de bescherming der wetten,

't Eenige onaangename, wat nog te vreezen ware, zou de

toorn der goden kunnen zijn, maar deze laten zich door

offers en gebeden gemakkelijk omkoopen.

Zoo schildert ons Plato met meesterlijke pen de prac-

tische uitwerking der sofistisch-individualistische gedachten

op 't gebied van den Staat — en de sombere teekening

van Athene uit 't laatst der 5e eeuw, die ons Thuycidides

geeft in een taal, waarin hij al de bitterheid van zijn ver-

ontwaardigd gemoed heeft gelegd, bevestigt ons de waar-

heid er van.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1916

Studentenalmanak | 206 Pagina's

Studentenalmanak 1916 - pagina 128

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1916

Studentenalmanak | 206 Pagina's