Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Studentenalmanak 1916 - pagina 142

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Studentenalmanak 1916 - pagina 142

2 minuten leestijd

126 FARRAGO

saamwonen" geven we nu den naam van Staat (TTÓAJJ).

Ken zeer eenvoudig begin Opmerkelijk is, hoe Plato

reeds hier van Staat — niXig spreekt, waar nog een Over-

heid, dragend het zwaard niet tevergeefs —- voor ons besef

nota necessaria in 't begrip Staat — niet genoemd is.

Hieruit af te leiden, dat Plato telkens^ waar hij van Staat

spreekt, op 't oog heeft, wat wij samenleving, maatschappij

noemen, ware een over 't hoofd zien van dit alles beslissende

feit, dat gelijk voor heel de Oudheid, ook voor Plato de

noodzakelijkheid niet bleek van een onderscheiding van

Staat en maatschappij. De Staat, de voltooide, de ware

Staat is dan ook voor Plato een samenleving, waarin alles,

godsdienst zoo goed als de beoefening van wetenschap en

kunst; huisgezin en opvoeding niet minder dan handel en

bedrijf, streng geregeld zijn. De sfeer van 't vrije maat-

schappelijke leven bestond voor Plato niet — in zooverre

althans was van „souvereiniteit in eigen kring" geen sprake 1

't Begin is dus zeer eenvoudig. Van hen, die bijeen-

komen is de éen landbouwer, de ander timmerman, een

derde wever, een vierde bakker.

Is 't dan niet vanzelf sprekend, dat de een zich zal

blijven wijden aan 't bakken, de ander aan 't weven enz.

Eischt dat niet de natuur der dingen.? Krachtens natuur-

lijken aanleg is de mensch immers óf landbouwer óf hand-

werksman óf wat dan ook. Maar is dit zoo, dan heeft de

landbouwer den wever, den bakker en hebben allen allen

noodig. Ziet ge dus wel, sofisten, dat een Staat niet KSH^

maar eigenlijk (fvan ontstaat? En wat is dan de natuurlijke

eisch? Feitelijk de bestaansgrond en tegelijk bestaansvoor-

waarde van deze "^woiWia} Immers deze en deze alleen: dat

ieder 't zijne doe. 8uum cuique. Deze gedachte houdt Plato

vast, voert hij door, als 't meest geliefde motief, dat in heel

zijn compositie zal blijven doorklinken.

En voorts, het blijft niet bij die eenvoudigen levens-

behoeften. Men slaat den blik daarom wijder. Expansie

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1916

Studentenalmanak | 206 Pagina's

Studentenalmanak 1916 - pagina 142

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1916

Studentenalmanak | 206 Pagina's