Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Studentenalmanak 1919 - pagina 118

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Studentenalmanak 1919 - pagina 118

2 minuten leestijd

96 FARRAGO

Gebildeten unter ihren Verächtern". ^) Die Gebildeten tot

wie hij zich in dit werk richt, zijn de Romantici van de

Berlijnsche salons; welnu, tot hen zal hij spreken van de

religie, hij zal hun de vraag voorleggen of daar in hun

levensbeschouwing ook een plaats is voor die religie. Zoo,

als tolk van de religie in den kring der Romantici, willen

we hem hier bezien en zoo komen dus vooral de ,,Reden"

voor ons doel in aanmerking.

De schrijver begint met een verklaring te geven van

zijn optreden in zijn keurig gestileerde Apologie in het

eerste hoofdstuk. Hij bekent het, dat er moed toe behoort

in een kring als de hunne te spreken van de religie, die

bij hen veracht is, omdat zij ze niet anders kennen dan

als het Supranaturalisme van de Aufklärung. Hij zal toonen,

dat religie iets gansch anders is, dat ze behoort tot het

diepste wezen van de menschelijke natuur; hij zal de religie

niet doceeren, maar getuigen van wat ze is in zijn hart

en leven.

Hij begint met te wijzen op den tweeërlei drang van de

menschelijke ziel, eenerzijds die om al wat buiten ons is

in ons op te nemen en aan ons zelf te assimileeren, ander-

zijds die om spontaan alles buiten ons met ons zelf te door-

dringen. Helaas, dat bijna altoos een van die twee over-

heerscht, waaruit eenzijdigheid opkomt. Al spreekt hij het

zelf niet uit, we gevoelen toch aanstonds, wie Schleier-

macher hier als die twee eenzijdigheden op 't oog heeft;

met het eerste doelt hij hoogstwaarschijnlijk op het Klas-

sicisme van een Goethe en Herder, met het tweede op

het consequente Idealisme van een Fichte en Schlegel.

Tegenover die beide uitersten moeten nu die twee ,,Triebe"

in de menschelijke natuur elkaar in evenwicht houden en

hem, bij wien dat het geval is, noemt Schleiermacher den

1) Vgl. het proefschrift van [)r. W J. Aalders; „Schl's'Reden über

die Religion als proeve van Apologie."

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1919

Studentenalmanak | 186 Pagina's

Studentenalmanak 1919 - pagina 118

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1919

Studentenalmanak | 186 Pagina's