Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Studentenalmanak 1919 - pagina 113

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Studentenalmanak 1919 - pagina 113

2 minuten leestijd

FARRAGO 91

van het Oneindige door harmonische, organische ont-

wikkeling en het overwinnen van alle tegenstellingen. In

zoover is er overeenkomst met het levensideaal van het

Klassicisme. Maar de Romanticus ziet helder genoeg het

onmogelijke van dien eisch. Hij gevoelt het conflict van

ideaal en werkelijkheid. Het groote schrikbeeld is voor

hem de eenzijdigheid en de eenige mogelijkheid om die

te vermijden ziet hij nu in het gestadig zich van de eene

tegenstelling naar de andere wenden om zoo de eindigheid

van het Subject te boven te komen. Zoo blijft zijn leven

een gestadig spel van het oogenblik, een fladderen als van

den vlinder van de eene bloem op de andere, een altijd

durend zweven tusschen eenheid en veelheid, tegelijk steeds

het Universum zoekend en alle aandacht wijdend aan

eigen Individualiteit. Het is, wat de Romanticus noemt, de

,,unendliche Bestimmbarkeit", geboren uit het machteloos

besef van toch nooit geheel zijn ,,metaphysisches Bedürfnis"

te kunnen bevredigen, ,,'t Is de hartstocht, die hongerig

steeds ons naar buiten drijft in 't Oneindige, maar om

steeds onverzadigd terug te keeren". ^) De Romanticus

kan tenslotte zich ook niet ontworstelen aan het eindige.

Hij voelt de kloof tusschen het ideëele en het reëele. We

krijgen hier te doen met het eigenaardige begrip: ,,Roman-

tische Ironie", dat in de Romantische wereldbeschouwing

zoo'n groote rol speelt, ^) een begrip dat ook weer ten

nauwste samenhangt met de philosophic van Fichte en van

hem op Schlegel overgaat.

Fichte verklaart de wereld uit een onbewuste daad van

het, trots zijn vrijheid, toch ontegenzeggelijk beperkte en

gebonden Ik, uit de productieve Einbildungskraft, die in

levendige werkzaamheid, de tegenstelling van eindig en

1) Vgl. Karl Joel: Nietzsche und die Romantik, pag. 117—199.

^) Vgl. Kicarda H u c h : Die Romantik. I pag. 376—293 en Haym

0.1. pag. 257—259.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1919

Studentenalmanak | 186 Pagina's

Studentenalmanak 1919 - pagina 113

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1919

Studentenalmanak | 186 Pagina's