Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Studentenalmanak 1922 - pagina 82

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Studentenalmanak 1922 - pagina 82

2 minuten leestijd

DE W E R K I N G

VAN DE

NIEUWE NOVITIAATSREGELING.

Nu er voor het eerst een novitiaatstijd is voorbijgegaan, die

geschoeid was op de leest van de nieuwe reglementaire bepalingen

dienaangaande, in Mei van dit jaar door het corps aangenomen,

acht ik het zeer wenschelijk, over de werking dezer regeling even

te spreken Met name om deze reden, dat de uitvoering van het

reglement niet heeft beantwoord aan de verwachtingen van vele

corpsleden.

De tegenstanders van den „voet van gelijkheid" hadden gemeend,

een groentijd te zullen meemaken, die volkomen brak met een

langdurige historische ontwikkeling: een saaie vier weken, waarin

onttrekking aan de corpszaken en terugtrekking in eigen milieu

de beste houding zou zijn. Vele voorstemmers voor de nieuwe

regeling hoopten op een tijd van kennismaking, welke zou ver-

loopen in gezeUige en volkomen gelijkheid van corpsleden en

novitie, niet alleen in juridisch, doch ook in menig ander opzicht.

Beide groepen zagen tot hun verbazing iets anders gebeuren. De

werkelijkheid lag, als zoo dikwijls in het leven, ook thans in het

midden en daarmee was tevens gegeven: hoop voor de eerste,

teleurstelling voor de tweede groep.

Toch had de verdediging van het Senaatsvoorstel, dat 27 Mei

1921 aan het corps werd voorgelegd, iets anders mogen doen

verwachten. Deze verdediging sprak slechts van juridische ge-

lijkheid en zocht in den noviet een tegenwicht tegen het „ontgroenen"

door onrijpe persoonlijkheden, die krachtens hun corpslidmaatschap

daarop recht meenen te hebben. Dat tegenwicht in den noviet

zou dan liggen in de juridische gelijkheid. De heer Scheurer heeft

op denzelfden grond het voorstel verdedigd.

O p grond nu van deze motiveering had heel wat misverstand

naar beide richtingen achterwege kunnen blijven:

lo, In de eerste plaats ligt in de houding van den Senaat in

den laatstverloopen novitiaatstijd zeker geen motief, om practisch

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1922

Studentenalmanak | 146 Pagina's

Studentenalmanak 1922 - pagina 82

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1922

Studentenalmanak | 146 Pagina's