Studentenalmanak 1924 - pagina 108
GIJ KOMT TOT ONS.
Gij,
die de winden van verre roept en de stormen doet snellen
op Uw woord,
die de zeeën doet opdaveren en hun geweld weer legt tot
effen vree,
die 't vuur van alle zonnen voedt en de sterren weidt
als een herder,
die de wereld met leven vervult en het kleine nog levens-
volheid geeft.
Gij, groote en heerlijke God, komt tot ons, kleine
menschen.
Gij,
wiens gedachten onbewegelijk staan in alle stormen, in
alle zeeën.
Wiens planting storeloos bloeit tot de vruchtdraging van
Uw eeuwig willen.
Gij komt tot ons zwakke menschen, die denken, niet
kunnen doen, die willen, maar — vergaan.
Gij,
die geheel zuiverheid zijt, wiens blankheid alle sneeuw
beschaamt, wiens heiligheid is als een stralend vuur door
de eeuwigheid en alle tijden heen.
Gij komt tot ons, onreinen, vuil van alle zonden, gansch
melaatsch.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1924
Studentenalmanak | 152 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1924
Studentenalmanak | 152 Pagina's