Studentenalmanak 1924 - pagina 106
AVOND,
De scheemring valt met wonderteere schijn
om alle levende en levenlooze dingen;
de avondwind vaart fluisterzacht te zingen
door boomen die als droomebeelden z i j n . . . .
Nu is de dag gestorven. . . . Wijde kringen
van grijze nevel weven een gordijn,
waarop het maanlicht, als in blij festijn,
Komt glanzen, door de schuwe schemeringen. . . .
Maar feller toch dan 't blanke manelicht
is d'openbaring van ons eigen wezen
door neevlen van ons diep-verspeelde leven,
wanneer wij t'avond, bij 't herdenken, beven,
en diep, zóó diep in 't échte wezen lezen,
dat w' eenzaam doen de moede oogen dicht. . . .
E. G. V. T
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1924
Studentenalmanak | 152 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1924
Studentenalmanak | 152 Pagina's