Studentenalmanak 1924 - pagina 46
40 JAARVERSLAG
die een Gereformeerd student heeft te vervullen in de zich
zoo snel en grondig wijzigende levensverhoudingen. Mijn
voorganger wees op het gevoel van zelf-onvoldaanheid, dat
iederen oudejaarsavond, ook die van het Corps, kenmerkt;
ik geloof, dat na een jaar als het zoo juist verstrekene, wij
elkaar zullen begrijpen, wanneer ik begin met het totaal,
de resultante onzer gevoelens samen te vatten in het begrip
„dankbaarheid". En de reden dier erkentelijkheid wordt
geheel uitgedrukt in de drie woorden, ieder met een rijke
beteekenis, die op elk onzer persoonlijk van toepassing zijn,
n.l. dat we hier als Nederlanders, als Studenten, als Christe-
nen samenkomen. Wanneer we ons dat drietal namen, als
persoonlijk eigendom, indenken, dan bevatten zij een zoo-
danige bevoorrechting, zóó'n groot privilege boven vele
millioenen onzer medemenschen, dat wij, onze onwaardig-
heid bewust, eerst stamelen: ,,Heere, wat onderscheidt ons?"
maar daarna ook vragen: ,,Heere, wat wilt Gij dat ik met
dat alles doen zal?"
Wijst ons Nederlanderschap in de 20e eeuw niet op het
feit, dat wij wonen in een land, dat in alle opzichten boven-
mate door God gezegend is onder de volkeren van Europa?
Hebben wij, waar onze omgeving geteisterd werd door een
stroom, die alles verwoestend doorging, wel veel meer
gevoeld dan een iets onrustiger deining aan den oever? Geldt
ons vaderland in het nog steeds ,,vredelooze Europa" niet
voor een dorado van orde en rust, waar nog welvaart
heerscht, die elders alleen in het rijk der wenschen bestaat?
Men behoeft slechts vluchtig kennis te nemen van de onlangs
verschenen gedenkboeken, waarin haast geen gebied der
samenleving onvermeld blijft, om te beseffen waarom ons,
Nederlanders, onze naam kostbaar is en wij die als een
voorrecht waardeeren.
Verder komen wij hier samen als Studenten, als menschen,
die, niet onmiddellijk gedrukt door de zorg voor de dage-
lijksche behoeften des levens, zich kunnen wijden aan geeste-
lijken arbeid, aan verrijking van hun intellectueel bestaan
met 't oog op hun lateren werkkring.
Reeds dit niet gedoemd zijn tot machinaal of onverschillig
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1924
Studentenalmanak | 152 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1924
Studentenalmanak | 152 Pagina's