Studentenalmanak 1929 - pagina 149
MIDZOMERDAG.
In den vollen nacht hadden ze hun dorpeken verlaten en
hun grijzige huizekes hadden zich weggehurkt achter de
donkerte.
Ze trokken 't Noorden op, naar 't korenland!
Eikendeen had zijn pikke op den schouder geslegen, en
ieder droeg een emmerken brood met zich waaraan een
zaksken kaffeepoeier sludderde.
Zwijgend gingen ze bachten malkander, op een reeks-
ken, in gestrekte gebogendheid. De nacht was licht, en
zwart hun zware schauwen.
De rulle weg dofte hun dreunende stappen in 't mulzige
zand.
Zoo gingen ze stille de slenderingen van de wegelkes
af — uren lang, —
Tot ze eindelijk een dreefken indraaiden en een boomen-
troppeling binnengingen waartusschen een struische hofstee
stak.
En zie, ze zagen het ineens hoe lichtend de luchtinge al
was, en dat daar spiegeling viel van uchtendklaarte door
de deemsterende boomen.
En hoor, die merelaar daar ievers in een abeele, en een
koe die beurelde over de wademende weie.
De pikkers hadden hun eendren gang gebroken en be-
gosten blijde te monkelen. Ze drentten op een drafken de
stee op, alwaar ze met luidruchtigheid de heele doening uit
den dommel riepen.
Algauw kwamen de knechten en meissens gluren naar
dat pas-aangekomene volk en zoo seffens zat heel 't hof,
waar even te voren nog alle dingen sliepen, vol leven en
schelle geruchten.
Maar als de zwarte kaffee opgegoten was en ze 'n
brokke spek bij htm boterhammen gesteken hadden, kwam
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1929
Studentenalmanak | 218 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1929
Studentenalmanak | 218 Pagina's