Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Studentenalmanak 1929 - pagina 112

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Studentenalmanak 1929 - pagina 112

2 minuten leestijd

94 UIT DE GESCHIEDENIS DER KUNSTTALEN

bonden met als distinctief telkens een andere vocaal. Zoo

drukt bijv, Z + vocaal telkens een onderklasse der

grondklasse Z uit: Z a = visschen; Z e = vogels; Z i =

viervoeters. Wat meer overeenkomst tusschen natuurlijke

en kunstmatige taal ziet men in: S a = sociale verhou-

dingen, Saba = koning; Sava = koningschap, Leibniz

nam van Wilkins veel over. Hij begeleidde zijn kritiek

op de bestaande talen met den eisch; de kunsttaal bevatte

één verbuiging, één vervoeging, geen geslachtsonder-

scheidingen. De vervoeging kan vereenvoudigd, daar

men geen uitgang noodig heeft als het subject genoemd is:

je donne, tu doimes, nous donnons). Een meervoud is voor

het zelfstandig naamwoord overbodig, wanneer het aantal

genoemd wordt (tres libri). Deze kritiek bedoelde ook

Leibniz gelijkelijk tegen het Latijn en het door hem gebruik-

te Fransch en Duitsoh,

Dat de rangschikking der begrippen niet eenvoudig is,

wist ook Leibniz. Inziende, dat de begripstaai moest g%

bouwd worden op la vraye philosophic, voegt hij er^Jbe-

perkend en bemoedigend bij; ,,cepenidant quoyque cette

langue dependc de la vraye philosophic, eile ne depend

pas de sa perfection," In een later systeem, dat het meest

op de bestaande talen en het irdnst op begripsontleding

bouTvt, blijkt soms nóg, hoe onzeker de verhouding der be-

grippen is: wie moed heeft, is moedig (afgeleid woord);

maar wie sterk is, heeft . . . . sterk/e. Hier moet een kunst-

taal ter wille van de vastheid der afleiding kiezen, en daar-

door het meeningsverschil negeercn, dat uit de voorkeur

voor moed-moedig of voor sterk-sterkte ontspringt. De

klanken, waarmee een begripstaai haar teekens opbouwt,

zijn niet willekeurig, ze worden naar de volgorde der be-

grippen bepaald. Neemt men aan, dat over de volgorde der

grondklassen eenstemmigheid bereikt is, en dat dieren de

4de groep in de classificatie zijn, dan blijft de beginletter Z

willekeurig, en als deze in verbcind met het Grieksche alpha-

bet gekozen is, heeft dit alphabet eenig rationeel verban<J

met de rationeele volgorde der grondklassen van begrip-

pen? De opstellers der philosophische kunsttalen wendden

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1929

Studentenalmanak | 218 Pagina's

Studentenalmanak 1929 - pagina 112

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1929

Studentenalmanak | 218 Pagina's