Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Studentenalmanak 1929 - pagina 125

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Studentenalmanak 1929 - pagina 125

2 minuten leestijd

I N D E „ G E D A C H T E N " V A N PASCAL 109

„weten we niet wat ons leven is, of onze dood, of God, of

wat wijzelf zijn. Dus weten we niets zonder de Schrift, die

slechts Jezus Christus ten doel heeft (507).

Door het geloof is de rijkdom van die openbaring te aan-

vaarden. „Het geloof nu is een gave Gods (221, 252). De

mensch gelooft, zoodra God het hart neigt (257). God legt

't geloof in het hart van den mensch (221).

Pascal spreekt niet letterlijk van het getuigenis van den

H. G. als van ,,de bewegende oorzaak van het geloof." ^)

Maar wel zegt hij: „En daarom zijn degenen,, aan wie God

de religie door gevoel des harten gaf zeer gelukkig en vol-

komen rechtmatig overtuigd. Maar aan wie het niet bezitten,

kunnen wij het enkel door redeneering geven, totdat God

het hun geve door gevoel des harten, zonder welk het geloof

slechts mensohelijk is, en nuHeloos voor de zaligheid" *)

(255). Ergens anders zegt hij: „Het hart voelt God, de rede

niet: daarin bestaat het geloof: God zich geopenbarend aan

het hart, niet aan de rede" (251). Pascal wil hiermee niet

beweren dat het geloof buiten de rede omgaat. Maar hij wil

hierop vooral den nadruk leggen; dat de geloofszekerheid

ooderscheiden is van de zekerheid die door de rede gegeven

kan worden. De rede kan nooit tot 't geloof voeren.

Ongetwijfeld bedoelt Pascal met het gevoel des harten,

een gevoel dat door God in het hart gewerkt wordt, de

subjectieve verzekerdheid van den geloovige, die zoowel

„een zeker weten" als ,,een vast vertrouwen" inhoudt.

Ook Vinet spreekt van: ,,la doctrine de Pascal sur la foi

du coeur, ou pour mieux dire sur la foi par Ie saint esprit" ')

en elders: „Pascal conolut è l'autorité de l'évidence intime,

ou de l'intuition, procurée par Ie saint esprit." *)

^) Dr. H. Bavinck, Geref. Dogmatiek, 4e druk. I, p. 568.

^) Cursiveering van mij,

' ) Vinet, a, w. p. 224.

' ) Vinet, a, w, p. 221. Vinet ontwikkeld daar verder de gedachte

als zou de autoriteit v. d. H. S, min of meer staan tegenover 't ge-

tuigenis V. d. H, G. in ons hart. Hij meent dat autoriteit v. d, H, S.,

verbonden met autoriteit v. d, H. G., voert tot autoriteit van de Kerk.

In hoeverre hij hierin juist is, kan ik hier niet na^gaan. Maar voor

mij staat wel vast dat aan het getuigenis v. <L H, G, in bet h a r t van

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1929

Studentenalmanak | 218 Pagina's

Studentenalmanak 1929 - pagina 125

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1929

Studentenalmanak | 218 Pagina's