Studentenalmanak 1930 - pagina 141
BLADEN UIT EEN HERFST-DAGBOEK 123
Woensdag 11 September.
Hoe laat is het? Ik weet het niet — wat weten wij van
tijd?
Ik weet, dat de herfst nu alles veroverd heeft; — dat
eiken ochtend de boomen zilver zijn — en dat het. af en toe
regent.
Maar deze regen is zoeter dan zon.
Vannacht suizelde het over het huis — aan het open
venster heb ik gewacht — buiten was het duister en voor
het racim wiegelde een doode bloem. Dit is wat al vele
jaren gaat als een hunkering door onze harten.
Een lach — een traan — en dit alles weer — regen en
wind — en het venster met stervende bloemen.
Zondag 15 September.
De klokken gaan nu luiden over het stille dorp.
Langs mijn venster schuivelen wat oude vrouwtjes naar
de ochtendmis — in den schemermorgen zie ik nog de
brinkboomen — het is weer stil op 't pad, —
Deze dag is eenzaam als de anderen.
Hoe komt het, dat we niet kunnen uitzeggen wat ons
ontroert. O, te weten dat alles langs ons gaat, dat alles
verandert, dat er zingende stenmien zijn in ons, als vele
onvolbrachte daden — en dat wij met ons verlangen
alleen zijn zonder woorden. —
Donderdag 19 September.
Wie nu door de lichte wereld loopt, zal dit stilzijn
verstaan. Al het schoonc op aarde wordt geboren uit deze
stilheid der dagen, —
Wat zijn woorden? wij arme menschen!
Maandag 23 September.
Er zijn te veel bloemen dit jaar — overal om me heen
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1930
Studentenalmanak | 188 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1930
Studentenalmanak | 188 Pagina's